Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
[appellant],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant, een politieambtenaar, verzocht de minister van Justitie om bevordering naar senior medewerker noodhulp/handhaving met terugwerkende kracht vanaf 1 december 2013, dan wel toekenning van twee loontreden vanaf 1 december 2008. De minister wees dit verzoek bij beschikking af omdat appellant en de collega waarnaar hij verwees geen gelijke gevallen waren.
Het Gerecht verklaarde het bezwaar van appellant gegrond en stelde het bestreden besluit nietig omdat het besluit niet door het bevoegd gezag was genomen. Het Gerecht verklaarde de nietigheid voor gedekt. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar bracht geen wezenlijk nieuwe gronden naar voren.
De Raad van Beroep bevestigde het oordeel van het Gerecht dat appellant zich niet succesvol kan beroepen op waarneming van de functie senior medewerker noodhulp/handhaving en dat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden. Appellant had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij gelijkgesteld kon worden met de collega die wel twee loontreden kreeg toegekend.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep ongegrond is en bevestigde de uitspraak van het Gerecht. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd.