Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
Op het hoger beroep van:
[appellant],
6 maart 2017, GAZA 1637/16 (aangevallen uitspraak), in het geding tussen:
de Gouverneur van Aruba,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant, sinds 1996 ambtenaar bij het Korps Politie Aruba, werd op non-actief gesteld en maakte deel uit van de overtolligheidspool. Hij werd meerdere malen strafrechtelijk veroordeeld voor mishandeling en misbruik van gezag. In 2015 werd een disciplinair onderzoek gestart wegens plichtsverzuim. Geïntimeerde legde hem ontslag op grond van plichtsverzuim en subsidiair wegens een onherroepelijke veroordeling.
Het Gerecht in Eerste Aanleg verklaarde het bezwaar tegen het ontslag ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in met het argument dat zijn non-actieve status een minder strenge straf rechtvaardigde en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat andere ambtenaren met vergelijkbare feiten minder zwaar werden gestraft.
De Raad verwierp deze gronden. Plichtsverzuim geldt ook voor non-actieve ambtenaren die nog steeds de gedragsnorm van een goed ambtenaar moeten naleven. De gevallen die appellant aanvoerde waren niet gelijk vanwege verschillen in dienststatus, functies en strafbladen. De opgelegde straf was proportioneel gezien de ernst van het plichtsverzuim en eerdere veroordelingen.
Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag van appellant bevestigd.