Uitspraak
RAAD VAN BEROEP IN AMBTENARENZAKEN VAN CURACAO
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellant],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant was werkzaam als adspirant beveiligingsmedewerker bij het SDKK en werd in mei 2016 in verzekerde bewaring gesteld wegens verdenking van drugssmokkel binnen het SDKK. Naar aanleiding hiervan werd hem per 7 juni 2016 de toegang tot de dienstlokaliteiten ontzegd. Op 11 juli 2016 maakte geïntimeerde het voornemen tot strafontslag bekend, dat op 24 augustus 2016 door appellant werd bestreden.
Het Gerecht in Eerste Aanleg veroordeelde appellant in maart 2017 tot een gevangenisstraf van 90 dagen, waarvan 80 voorwaardelijk. Vervolgens verleende geïntimeerde op 24 juli 2017 op grond van de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht per 1 juli 2017 disciplinair ontslag wegens ernstig plichtsverzuim, gelet op de drugssmokkel en de impact daarvan op de betrouwbaarheid en integriteit die van een beveiliger wordt verlangd.
Appellant stelde beroep in tegen het ontslag en voerde aan dat hij in vergelijking met andere gevallen onterecht zwaarder was gestraft, waarbij hij zich beroept op het gelijkheidsbeginsel. De Raad oordeelde echter dat de aard van het plichtsverzuim en de functievereisten bepalend zijn, niet de strafmaat, en dat de vergelijking met andere gevallen niet opgaat. De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het ontslagbesluit.
Uitkomst: Het disciplinaire ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het beroep wordt ongegrond verklaard.