Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
[Naam],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
wijsthet verzoek om herziening
af.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Verzoeker heeft bij de Raad van Beroep in Ambtenarenzaken een verzoek tot herziening ingediend van een eerdere uitspraak van 2 augustus 2016. Hij stelde dat een schriftelijke verklaring, gedateerd 6 april 2017, een nieuw feit vormde dat ernstige twijfel aan de juistheid van de uitspraak zou doen ontstaan.
De Raad oordeelde dat de verklaring pas zeven maanden na verzending van de uitspraak was opgesteld en niet binnen de vereiste termijn van drie maanden na de uitspraak kon worden verkregen. Hierdoor kon de verklaring niet als nieuw feit worden aangemerkt.
Daarnaast stelde de Raad vast dat de verklaring geen ernstige twijfel aan de uitspraak wekte, omdat de weigering van verzoeker om kennis te nemen van het Landsbesluit van 10 januari 2013 voor zijn eigen rekening en risico was. Hierdoor was het besluit onherroepelijk geworden.
De Raad concludeerde dat het verzoek om herziening niet ontvankelijk was en wees het af. De uitspraak werd op 14 september 2018 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens te late indiening van de verklaring en het ontbreken van ernstige twijfel aan de uitspraak.