ECLI:NL:OGHNAA:2009:BJ5921

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
18 augustus 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
KG 1898/08; H-489/08
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in vordering tegen afwijzing verlof gedetineerde

In deze zaak stond een geschil centraal over de afwijzende beslissing van de Minister van Justitie tot het verlenen van verlof aan een gedetineerde. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba behandelde het hoger beroep tegen een eerder vonnis van 19 mei 2009.

Het Hof verwees de zaak naar de rol voor het nemen van akten, waarna beide partijen gelijktijdig hun standpunten schriftelijk hadden ingediend. Na beoordeling bleef het Hof bij het voorlopige oordeel dat de geïntimeerde niet-ontvankelijk moest worden verklaard in zijn vordering. Partijen hadden zich niet uitgelaten over dit oordeel.

Het Hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en verklaarde de geïntimeerde niet-ontvankelijk in zijn vordering. Tevens werd de geïntimeerde veroordeeld in de kosten van het geding, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep. Het Hof besloot geen kosten te liquideren voor de akte van het Land. Het vonnis werd uitgesproken op 18 augustus 2009 in Aruba.

Uitkomst: Geïntimeerde wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering en veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Vonnisdatum: 18 augustus 2009
Zaaknummer: KG 1898/08; H-489/08
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
KORT GEDING
Vonnis in de zaak van:
de openbare rechtspersoon
HET LAND ARUBA,
zetelend in Aruba,
oorspronkelijk gedaagde, thans appellant,
gemachtigde: mr. A. Lumenier,
– tegen –
[geïntimeerde],
wonende in Aruba,
oorspronkelijk eiser, thans geïntimeerde,
gemachtigde: mr. C.F.K.J. Lejuez.
Partijen worden hierna “het Land” en “[geïntimeerde]” genoemd.
1. Het verdere verloop van de procedure
Bij vonnis van 19 mei 2009 heeft het Hof de zaak naar de rol verwezen voor het nemen van akten. Op de daarvoor bepaalde dag hebben beide partijen gelijktijdig een akte genomen. Vervolgens is wederom vonnis gevraagd, waarvan de uitspraak is bepaald op heden.
2. De verdere beoordeling
2.1 Het Hof blijft bij het in voornoemd vonnis onder rechtsoverweging 3.4 gegeven voorlopige oordeel dat [geïntimeerde] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn vordering. Partijen hebben zich in voornoemde akten daarover niet uitgelaten.
2.2 Het voorgaande leidt tot de conclusie dat het vonnis waarvan beroep dient te worden vernietigd. Het Hof zal [geïntimeerde] niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering, met veroordeling van hem als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van het geding in eerste aanleg en hoger beroep. Het Hof acht termen aanwezig om geen kosten te liquideren voor de door het Land genomen akte.
BESLISSING
Het Hof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht als volgt:
verklaart [geïntimeerde] niet-ontvankelijk in zijn vordering;
veroordeelt [geïntimeerde] in de kosten van het geding aan de zijde van het Land gevallen en tot op heden begroot op:
- in eerste aanleg: Afl. 1.500,- aan salaris gemachtigde;
- in hoger beroep: Afl. 900,- aan griffierechten, Afl. 176,- aan exploitkosten en Afl. 5.100,- aan salaris gemachtigde.
Dit vonnis is gewezen door mrs. J. de Boer, J.R. Sijmonsma en J.P. de Haan, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, en ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba uitgesproken op 18 augustus 2009 in tegenwoordigheid van de griffier.