ECLI:NL:OGHNAA:2009:BJ5747

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
18 juni 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
HLAR 094/08
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 12 Landsverordening arbeid vreemdelingenArt. 56 Landsverordening administratieve rechtspraakArt. 55 Landsverordening administratieve rechtspraak
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging ongegrondverklaring beroep tegen weigering tewerkstellingsvergunning

De werkgever, handelend onder de naam Manitou Services, had een vergunning aangevraagd om een vreemdeling tewerk te stellen op Sint Maarten. Het bestuurscollege van het Eilandgebied Sint Maarten weigerde deze vergunning bij beschikking van 27 februari 2008. De werkgever maakte bezwaar, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn. Vervolgens stelde de werkgever beroep in bij het Gerecht in eerste aanleg, dat dit beroep op 18 december 2008 ongegrond verklaarde.

De werkgever stelde hoger beroep in bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Het geschil spitste zich toe op de vraag of de dag van verzending van de beschikking als dag van bekendmaking mocht worden aangemerkt, waarmee de bezwaarperiode van vier weken was overschreden. Het Hof overwoog dat het Gerecht terecht artikel 56, tweede lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak toepaste, waardoor de dag van verzending geldt als dag van bekendmaking.

Het Hof verwierp het betoog van de werkgever en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak van het Gerecht werd bevestigd.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de tewerkstellingsvergunning blijft in stand.

Uitspraak

HLAR 094/08
Datum uitspraak: 18 juni 2009
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
Uitspraak op het hoger beroep van:
[Appellant], wonend op Sint Maarten, handelend onder de naam
Manitou Services,
appellant,
tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Sint Maarten, van 18 december 2008 in zaak nr. 2008/106 in het geding tussen:
appellant
en
het bestuurscollege van het Eilandgebied Sint Maarten.
1. Procesverloop
Bij beschikking van 27 februari 2008 heeft het bestuurscollege van het Eilandgebied Sint Maarten (hierna: het bestuurscollege) geweigerd aan appellant (hierna: de werkgever) vergunning te verlenen om [vreemdeling] te werk te stellen.
Bij beschikking van 15 juli 2008 heeft het bestuurscollege het door de werkgever daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Bij uitspraak van 18 december 2008 heeft het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Sint Maarten, (hierna: het Gerecht) het door de werkgever daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de werkgever bij brief, bij het Gerecht ingekomen op 13 januari 2009, hoger beroep ingesteld.
Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 16 april 2009, waar [appellant] in persoon, en het bestuurscollege, vertegenwoordigd door mr. A.O. Muller, advocaat, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Ingevolge artikel 12, eerste lid, van de Landsverordening arbeid vreemdelingen (hierna: de Lav) kan degene die rechtstreeks in zijn belang is getroffen door een beschikking ter zake van een tewerkstellingsvergunning, hiertegen binnen vier weken na de dag waarop deze is gegeven bezwaar maken bij het bestuurscollege van het desbetreffende eiland.
Ingevolge artikel 56, tweede lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: de Lar) geldt als de dag waarop een beschikking is gegeven, de dag waarop deze is verzonden of uitgereikt.
2.2. De werkgever betoogt dat het Gerecht de dag waarop de beschikking van 27 februari 2008 is verzonden, ten onrechte heeft aangemerkt als de dag waarop deze is gegeven.
2.2.1. Zoals het Hof eerder heeft overwogen (onder de meer uitspraak van 29 november 2007 in zaak nr. 200 HLAR 28/07; www.rechtspraak.nl), is de procedure bij de toepassing van artikel 12, eerste lid, van de Lav geregeld in artikel 55 van Pro de Lar. Gelet hierop, heeft het Gerecht artikel 56, tweede lid, van de Lar terecht van overeenkomstige toepassing geacht en de dag waarop de beschikking van 27 februari 2008 is verzonden, terecht aangemerkt als die waarop deze is gegeven in de zin van artikel 12, eerste lid, van de Lav. Het betoog faalt.
2.3. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. H.L. Wattel, Voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. A.W.M. Bijloos, Leden, in tegenwoordigheid van mr. N.M. Martinez, griffier.
w.g. Wattel
Voorzitter
w.g. Martinez
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 18 juni 2009
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de griffier,
voor deze,