Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGHNAA:2009:BI5351

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
11 mei 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
HLAR 007/09 VV
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • R.W.L. Loeb
  • N.M. Martinez
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 85 Landsverordening administratieve rechtspraak
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening omtrent weigering nieuwe beschikking tegemoetkoming ziektekosten

De Sociale Verzekeringsbank (SVB) wees een verzoek van de echtgenoot om tegemoetkoming in de ziektekosten en verpleging van zijn overleden echtgenote af. Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van de echtgenoot gegrond en bepaalde dat de SVB opnieuw op het verzoek moest beslissen. De SVB stelde echter dat zij tijdens het hoger beroep geen nieuwe beschikking wilde geven vanwege mogelijke ongewenste precedentwerking en financiële risico's.

Het Hof overwoog dat de omstandigheden die de SVB aanvoerde aannemelijk waren en dat het niet uitgesloten kon worden dat de uitspraak in de bodemprocedure zou worden vernietigd. Gezien de belangenafweging en het feit dat het ging om een geldbedrag, besloot het Hof een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter van het Hof bepaalde dat de SVB geen nieuwe beschikking hoeft te geven totdat het Hof in hoger beroep uitspraak heeft gedaan. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De SVB hoeft geen nieuwe beschikking te geven totdat het Hof in hoger beroep uitspraak heeft gedaan.

Uitspraak

HLAR 007/09 VV
Datum uitspraak: 11 mei 2009
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
Uitspraak van de voorzitter van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 85 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak), hangende het hoger beroep van:
de Sociale Verzekeringsbank,
verzoekster,
tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, van 18 december 2008 in zaak nr. 2006/142 in het geding tussen:
[de echtgenoot]
en
verzoekster.
1. Procesverloop
Bij beschikking van 29 november 2007 heeft verzoekster (hierna: de SVB) een verzoek van [de echtgenoot] [hierna: de echtgenoot] om tegemoetkoming in de kosten van geneeskundige behandeling en verpleging van wijlen zijn echtgenote afgewezen.
Bij uitspraak van 18 december 2008 heeft het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao (hierna: het Gerecht), het door [de echtgenoot] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, die beschikking vernietigd en bepaald dat de SVB opnieuw op het verzoek beslist, thans met inachtneming van hetgeen in die uitspraak is overwogen.
Tegen deze uitspraak heeft de SVB bij brief, bij het Hof ingekomen op 29 januari 2009, hoger beroep ingesteld. Voorts heeft zij de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 20 april 2009, waar de SVB, vertegenwoordigd door mr. M. Bonafasia, werkzaam in haar dienst, is verschenen.
2. Overwegingen
2.1. De SVB wenst hangende het hoger beroep geen nieuwe beschikking op het verzoek van [de echtgenoot] om kostenvergoeding, waarbij zij er van uit gaat dat de echtgenote van [de echtgenoot] ten tijde van haar geneeskundige behandeling en verpleging een verzekerde in de zin van de Landsverordening Ongevallenverzekering was, te geven, omdat daarvan ongewenste precedentwerking zal uitgaan en de financiële gevolgen van de te geven beschikking niet wel zijn te redresseren, indien het door haar ingestelde hoger beroep slaagt.
2.2. De aldus aan het verzoek ten grondslag gelegde omstandigheden zijn aannemelijk. Nu voorts niet op voorhand valt uit te sluiten dat de aangevallen uitspraak in de bodemprocedure niet in stand zal blijven, althans het verzoek om tegemoetkoming wel mocht worden afgewezen, bestaat bij afweging van de betrokken belangen aanleiding om na te melden voorziening te treffen. Daarbij is mede van belang dat het in de bodemprocedure gaat op de toekenning van louter een geldbedrag.
2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De voorzitter van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba:
bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de Sociale Verzekeringsbank geen nieuwe beschikking op het verzoek van [de echtgenoot] hoeft te geven, totdat het Hof in hoger beroep uitspraak zal hebben gedaan.
Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. N.M. Martinez, griffier.
w.g. Loeb
Voorzitter
w.g. Martinez
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 mei 2009
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de griffier,
voor deze,