ECLI:NL:OGHNAA:2008:BH0221
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- H.L. Wattel
- R.W.L. Loeb
- P. van Dijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bezwaar wegens niet-tijdige indiening verlenging tijdelijke verblijfsvergunning
Appellante verzocht om verlenging van haar tijdelijke verblijfsvergunning, maar deze aanvraag werd op 8 juli 2005 afgewezen door de minister van Justitie. Tegen deze beschikking maakte zij bezwaar, dat echter pas op 6 oktober 2005 werd ingediend, terwijl de bezwaarperiode op 19 augustus 2005 was geëindigd.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep ongegrond, maar het Hof oordeelde dat het bezwaar niet tijdig was ingediend en daarom niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard. Er waren geen bijzondere omstandigheden die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen.
Het Hof vernietigde de uitspraak van het Gerecht en de beschikking van 27 april 2007, verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde beschikking. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de afwijzing van de verlenging van de tijdelijke verblijfsvergunning is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening.