ECLI:NL:OGHNAA:2008:BG1101

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba

Datum uitspraak
9 juni 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
187 HLAR 15/07-2
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 96 LarArt. 3 LarArt. 78 Lar
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek herziening uitspraak Gemeenschappelijk Hof van Justitie

Anthycco International LTD verzocht het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba om herziening van de uitspraak van 29 november 2007 in zaak nr. 187 HLAR 15/07. Deze eerdere uitspraak had het hoger beroep van Anthycco gegrond verklaard en het Gerecht in eerste aanleg onbevoegd verklaard.

Het verzoek tot herziening werd ingediend op grond van artikel 96 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar), waarbij herziening mogelijk is bij nader gebleken feiten of omstandigheden die voor de uitspraak plaatsvonden, maar redelijkerwijs niet bekend konden zijn en die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.

Het Hof oordeelde dat het aangevoerde verkeerde begrip van artikel 3 Lar Pro geen nieuw feit of omstandigheid vormt zoals bedoeld in artikel 96 Lar Pro. Het bijzondere rechtsmiddel van herziening is niet bedoeld om het debat te heropenen of de juistheid van de uitspraak aan de orde te stellen zonder nieuwe feiten.

Daarom werd het verzoek van Anthycco als ongegrond afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 9 juni 2008 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

187 HLAR 15/07-2
Datum uitspraak: 9 juni 2008
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA
Uitspraak (artikel 96 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak) op het verzoek van:
Anthycco International LTD, gevestigd te Tortola op de Britse Maagdeneilanden,
verzoekster,
om herziening van de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 29 november 2007 in zaak nr. 187 HLAR 15/07.
1. Procesverloop
Bij brief, bij het Hof ingekomen op 7 januari 2008, heeft Anthycco International LTD (hierna: Anthycco) het Hof onder meer verzocht de uitspraak van 29 november 2007 in zaak nr. 187 HLAR 15/07, waarbij het Hof het hoger beroep van Anthycco tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao (hierna: het Gerecht), van 22 maart 2007 gegrond heeft verklaard, de desbetreffende uitspraak van het Gerecht heeft vernietigd en het Gerecht onbevoegd heeft verklaard om van het in die zaak bij hem ingestelde beroep kennis te nemen te herzien.
Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 14 april 2008, waar Anthycco, vertegenwoordigd door haar bestuurder C. van Vulpen, bijgestaan door mr. G.A.S. Maduro, advocaat, en notaris M. van der Plank, vertegenwoordigd door mr. R.E.F.A. Bijkerk, advocaat, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Ingevolge artikel 96, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: Lar) kan op verzoek van een partij herziening van een onherroepelijke uitspraak van het Hof, bedoeld in artikel 78, plaatsvinden op grond van nader gebleken feiten of omstandigheden die hebben plaatsgevonden voor de uitspraak, die de verzoekende partij redelijkerwijs niet bekend konden zijn en die, waren zij eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.
2.2. Anthycco heeft aan het verzoek ten grondslag gelegd dat de uitspraak van het Hof op een onjuiste lezing van artikel 3, eerste lid, van de Lar berust. Hetgeen zij aldus heeft aangevoerd, kan niet worden aangemerkt als feiten of omstandigheden, als bedoeld in artikel 96, eerste lid, van de Lar. Het bijzondere rechtsmiddel van herziening strekt er niet toe om het debat in de zaak te heropenen naar aanleiding van de gedane uitspraak of om de juistheid van de uitspraak, waarvan herziening wordt verzocht, anders dan naar aanleiding van zodanige feiten en omstandigheden, aan de orde te stellen.
2.3. Voor hetgeen Anthycco voor het overige heeft verzocht, biedt de Lar geen grondslag. Anderszins is het verzochte evenmin op de wet gebaseerd.
2.4. Het verzoek dient als ongegrond te worden afgewezen.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
Recht doende in naam der Koningin:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. H.L. Wattel, Voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. P. van Dijk, Leden, in tegenwoordigheid van mr. N.M. Martinez, griffier.
Voorzitter
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 9 juni 2008
Verzonden: