ECLI:NL:OGHNAA:2008:BD9194
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schending zorgplicht assurantietussenpersoon leidt tot schadevergoeding voor niet-gedekte verzekeringsvoorwaarde
In deze zaak vordert [Bedrijfsnaam N.V. van appellante] betaling van US$ 135.000,- plus rente en kosten, wegens schade die zij stelt te hebben geleden doordat ICA als assurantietussenpersoon haar zorgplicht heeft geschonden. De zorgplicht bestond uit het deugdelijk informeren over een in endorsement 8 opgenomen voorwaarde dat de boot onder toezicht van een bewaker moest liggen wanneer deze niet in gebruik was.
Het Gerecht in eerste aanleg wees de vordering af, maar het Hof stelt vast dat ICA deze voorwaarde niet duidelijk aan [Bedrijfsnaam N.V. van appellante] heeft medegedeeld, ondanks dat zij als deskundige op het gebied van verzekeringen deze zorgplicht had. Getuigenverklaringen tonen aan dat de communicatie hierover onvoldoende was en dat de verzekerde niet op de hoogte was van de exacte inhoud van de voorwaarde.
Het Hof oordeelt dat de voorwaarde inhoudt dat de boot, wanneer buiten gebruik, onder toezicht van een bewaker moet liggen bij Moomba Beach. ICA heeft nagelaten deze voorwaarde aan de verzekerde door te geven, ook al was de polis inmiddels op naam van [Bedrijfsnaam N.V. van appellante] gesteld. Hierdoor is de zorgplicht geschonden.
Het Hof verwerpt verweren van ICA omtrent causaliteit en andere gronden wegens onvoldoende onderbouwing. Het vonnis van de eerste aanleg wordt vernietigd en ICA wordt veroordeeld tot betaling van US$ 155.500,- vermeerderd met wettelijke rente, alsmede de proceskosten in beide instanties. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: ICA wordt veroordeeld tot betaling van US$ 155.500,- met rente en proceskosten wegens schending van haar zorgplicht als assurantietussenpersoon.