ECLI:NL:OGHACMB:2026:171
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- W.P.M. ter Berg
- E.P. van Unen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis over reikwijdte vaststellingsovereenkomst en aansprakelijkheid vuistslag
Deze zaak betreft de uitleg van een vaststellingsovereenkomst tussen partijen die samen bouwprojecten ontwikkelden en de aansprakelijkheid voor een vuistslag die heeft geleid tot letsel. Het Gerecht in eerste aanleg oordeelde dat de vaststellingsovereenkomst niet de gevolgen van de vuistslag omvatte en dat er geen sprake was van uitlokking. De vordering tot schadevergoeding werd toegewezen.
In hoger beroep heeft de appellant aangevoerd dat de vaststellingsovereenkomst ook de gevolgen van de vuistslag zou regelen en dat hij uitgelokt zou zijn tot het geweld. Het Hof heeft de overeenkomst getoetst aan de Haviltex-formule en geoordeeld dat de tekst en context geen aanwijzing geven dat de gevolgen van de vuistslag onderdeel waren van de overeenkomst. De appellant is niet als partij bij de overeenkomst genoemd en de onderhandelingen richtten zich op de aandelenoverdracht en lening.
Het Hof verwierp ook het beroep op dwaling, redelijkheid en billijkheid en ongerechtvaardigde verrijking. Het verweer van uitlokking werd eveneens verworpen omdat geen sprake was van een situatie waarin de appellant redelijkerwijs geen andere keuze had dan het geweld te gebruiken. De schadevergoeding van NAf 5.000 als voorschot werd bevestigd, evenals de veroordeling van appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis dat de vaststellingsovereenkomst niet ziet op de gevolgen van de vuistslag en veroordeelt appellant tot schadevergoeding en proceskosten.