ECLI:NL:OGHACMB:2025:21
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.A. Saleh
- E.M. van der Bunt
- C.J.H.G. Bronzwaer
- Rechtspraak.nl
Toelating tegenbewijs tegen contractuele boete in koopovereenkomst onroerende zaak
In deze zaak gaat het om een koopovereenkomst van een onroerende zaak tussen verkoper en koper, opgesteld in het Engels. Koper betaalde niet de overeengekomen aanbetaling en verkoper vorderde de contractuele boete van 10% van de koopsom. De rechtbank wees de vordering af omdat koper stelde dat hij het Engels niet machtig was en dat het slechts een letter of intent betrof.
In hoger beroep oordeelt het Hof dat de koopovereenkomst een onderhandse akte is die dwingend bewijs levert van de gemaakte afspraken. Verkoper heeft daarmee bewezen dat koper zich aan de koop heeft verbonden en de boete verschuldigd is bij niet-nakoming.
Koper mag echter tegenbewijs leveren dat partijen anders zijn overeengekomen dan in de akte staat, bijvoorbeeld dat het slechts een letter of intent of koopoptie betrof. Het Hof wijst de zaak aan voor nadere bewijslevering, waaronder getuigenverhoor, en houdt verdere beslissing aan.
De stellingen van koper over bedrog en dwaling worden verworpen omdat hij geen beroep op vernietiging heeft gedaan. Het Hof benadrukt het belang van de ondertekening en het bewijsrecht van onderhandse akten. De procedure wordt voortgezet met een nadere bewijsfase.
Uitkomst: Koper wordt toegelaten tegenbewijs te leveren tegen de koopovereenkomst en contractuele boete; verdere beslissing wordt aangehouden.