Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGHACMB:2024:293

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
17 december 2024
Publicatiedatum
24 februari 2025
Zaaknummer
CUR2022H00239
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 17 lid 2 Landsverordening Medisch TuchtrechtArt. 7 Landsverordening Medisch Tuchtrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid hoger beroep in medische tuchtzaak na waarschuwing

Klaagster heeft bij het Medisch Tuchtcollege Curaçao een klacht ingediend tegen verweerder wegens onzorgvuldig handelen bij twee borstreconstructies, waaronder onvoldoende informatieverstrekking en inadequate behandeling van complicaties. Het Medisch Tuchtcollege verklaarde een groot aantal klachten gegrond en legde verweerder een waarschuwing op.

Klaagster ging in hoger beroep en verzocht vernietiging van de beslissing, volledige gegrondverklaring van haar klachten en oplegging van een zwaardere maatregel, namelijk schorsing. Verweerder verzette zich tegen het hoger beroep en wilde bevestiging van de oorspronkelijke beslissing.

Het Hof oordeelde dat op grond van artikel 17 lid 2 van Pro de Landsverordening Medisch Tuchtrecht hoger beroep voor klagers niet openstaat indien een maatregel is opgelegd, zoals hier de waarschuwing. Dit geldt ook als niet alle klachten gegrond zijn verklaard of als de maatregel als onvoldoende wordt beschouwd door de klager. Daarom verklaarde het Hof klaagster niet-ontvankelijk in haar hoger beroep.

Uitkomst: Klaagster is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de opgelegde waarschuwing.

Uitspraak

Medische tuchtzaken over 2024
Registratienummers: CUR202101744 – CUR2022H00239
Uitspraak: 17 december 2024
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
B E S C H I K K I N G
in de zaak van:
[appellante],
wonend in [woonplaats A],
in eerste aanleg klaagster, thans appellante,
gemachtigde: mr. E.A. Knoppel,
tegen
[geïntimeerde],
wonend in [woonplaats B],
in eerste aanleg verweerder, thans geïntimeerde,
gemachtigde: mr. W. Princée.
Partijen worden hierna klaagster en verweerder genoemd.

1.Het verloop van de procedure

1.1
Bij op 16 augustus 2022 ingekomen beroepschrift is klaagster in hoger beroep gekomen van de tussen partijen gegeven en op 18 juli 2022 uitgesproken beslissing van het Medisch Tuchtcollege Curacao (hierna: MTC).
1.2
In het beroepschrift heeft klaagster bezwaren tegen de beslissing aangevoerd en toegelicht en heeft zij verzocht dat het Hof de bestreden beslissing zal vernietigen en de klachten volledig gegrond zal verklaren en een zwaarwegende maatregel (schorsing) zal opleggen.
1.3
Bij verweerschrift in hoger beroep heeft verweerder de bezwaren bestreden. Zijn conclusie strekt ertoe dat het Hof de bestreden beslissing zal bevestigen, met veroordeling van klaagster in de proceskosten in hoger beroep, met rente.
1.4
De mondelinge behandeling van het hoger beroep heeft plaatsgehad op 29 oktober 2024 waarbij klaagster is verschenen met haar gemachtigde. De gemachtigde van verweerder is eveneens verschenen. Verweerder zelf was via een videoverbinding aanwezig.
1.5
Beschikking is aangezegd en bepaald op vandaag.

2.De beoordeling

2.1
In hoger beroep kan worden uitgegaan van de feiten die zijn opgenomen in 2.1 tot en met 2.13 van de bestreden beslissing.
2.2
Klaagster heeft een klacht ingediend bij het MTC. Zij verwijt verweerder kort gezegd dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld in het kader van twee operaties tot borstreconstructie door, samengevat, haar onvoldoende te informeren, complicaties onvoldoende adequaat te behandelen of op te volgen en de tweede reconstructie niet goed uit te voeren.
2.3
Het MTC heeft de klacht op een groot aantal onderdelen gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van waarschuwing opgelegd.
2.4
Verweerder is tegen de beslissing niet in hoger beroep gekomen. Hij heeft zich neergelegd bij het oordeel van het MTC en de opgelegde waarschuwing. Klaagster daarentegen meent dat ook de andere door haar geuite klachtonderdelen gegrond hadden moeten worden verklaard en dat een zwaardere maatregel had moeten worden opgelegd, te weten schorsing.
klaagster is niet-ontvankelijk in haar hoger beroep
2.5
Artikel 17 lid 2 van Pro de Landsverordening Medisch Tuchtrecht (PB 1957 no. 30, zoals gewijzigd) stelt hoger beroep open voor klagers in het geval van niet-ontvankelijkverklaring, afwijzing zonder nader onderzoek of niet-toepassing na onderzoek van een maatregel als bedoeld in artikel 7. Als de klacht heeft geleid tot oplegging van een maatregel, zoals in dit geval, staat voor de klager dus geen hoger beroep open. Ook niet wanneer een of meer klachtonderdelen niet gegrond zijn verklaard en evenmin wanneer de maatregel in de visie van klaagster in de gegeven omstandigheden niet passend is. Dat betekent dat voor klaagster tegen de bestreden beslissing geen hoger beroep open staat, zodat zij daarin niet-ontvankelijk is.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
verklaart klaagster niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Deze beschikking is gegeven door mrs. C.J.H.G. Bronzwaer, E.M. van der Bunt en E.W.A. Vonk, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao uitgesproken op 17 december 2024 in tegenwoordigheid van de griffier.