Uitspraak
bevestigtde aangevallen uitspraak;
wijsthet verzoek om schadevergoeding
af.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellante ontving een bijstandsuitkering die door de minister per 1 mei 2019 werd stopgezet vanwege vermeende inkomsten uit werkzaamheden. De minister vorderde vervolgens een bedrag van Afl. 3.785,- terug over bepaalde periodes. Het Gerecht oordeelde dat deze terugvordering onterecht was omdat de bijstand niet onverschuldigd was betaald en vernietigde de beschikking van de minister.
Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar het Hof benadrukt dat de minister geen hoger beroep heeft ingesteld tegen de uitspraak van het Gerecht en daarom uitvoering moet geven aan die uitspraak. Het Hof bevestigt de vernietiging van de terugvordering en beveelt de minister om het bedrag van Afl. 3.785,- plus griffierechten van Afl. 25,- en Afl. 75,- terug te betalen.
Het verzoek van appellante om een immateriële schadevergoeding van Afl. 10.000,- wordt afgewezen omdat het gevoel van gekwetstheid onvoldoende is voor toewijzing van een schadevergoeding. De uitspraak bevestigt daarmee de eerdere beslissing en legt de minister op de terugbetaling spoedig te effectueren.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de vernietiging van de terugvordering bijstand en wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding af.