ECLI:NL:OGHACMB:2023:54
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake ontruiming en verjaring van woning op perceel te Curaçao
De zaak betreft een geschil over een perceel met woning te Curaçao, geregistreerd op naam van de overleden grootvader van [B]. Sinds 1987 woont [A] en/of haar familie op het perceel. [B] vordert ontruiming en betaling van achterstallige huur, terwijl [A] zich beroept op verjaring.
Het Gerecht wees de ontruimingsvordering toe en wees de verjaringsvordering van [A] af. In hoger beroep heeft [A] het vonnis aangevochten en een wijziging van eis ingediend, waaronder een vordering wegens ongerechtvaardigde verrijking.
Het Hof oordeelt dat de moeder van [A] de woning huurde van de ouders van [B], en dat er onvoldoende bewijs is dat [A] of haar moeder het perceel in bezit hadden als eigenaar. De huurovereenkomst is ontbonden wegens wanbetaling, en na ontbinding verbleven de bewoners zonder recht op het perceel. De ontruimingsvordering is terecht toegewezen.
De vordering wegens ongerechtvaardigde verrijking wordt afgewezen vanwege het ontbreken van bijzondere omstandigheden. Het Hof vernietigt het vonnis voor zover het schadevergoeding en maandelijkse bedragen toekent en veroordeelt [A] tot betaling van een lagere gebruiksvergoeding van NAf 70,- per maand vanaf 1 april 2019 tot ontruiming.
De proceskostenveroordeling wordt bevestigd en [A] wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het Hof veroordeelt [A] tot betaling van NAf 70,- per maand gebruiksvergoeding en bevestigt de ontruimingsvordering van [B].