Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling
.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
LB Constructie en The Ritz Residence zijn partijen in een kort geding over het retentierecht op bouwprojecten in Willemstad. LB had bouwwerkzaamheden verricht aan vijf appartementenblokken, maar er ontstonden geschillen over de deugdelijkheid van het werk en betaling. LB oefende een retentierecht uit door de gebouwen af te sluiten, waarna The Ritz conservatoire derdenbeslagen legde.
In de procedure verzochten partijen om aanhouding wegens een minnelijke regeling, maar het Gerecht wees toch vonnis toe aan The Ritz, waarbij het retentierecht van LB werd opgeheven. Partijen hadden echter mondeling een schikking bereikt, waarvan de uitvoering nog moest plaatsvinden. LB ging in hoger beroep en stelde dat de minnelijke regeling de toewijzing van de vordering in de weg stond.
Het Hof acht aannemelijk dat partijen op 10 september 2021 een mondelinge regeling sloten en verlangt nadere informatie over de vaststellingsovereenkomst, bankgarantie en arbitrageprocedure. Het Hof verwijst de zaak naar de rol voor nadere stukken en houdt verdere beslissing aan, met het advies om het geschil minnelijk te regelen.
Uitkomst: Het Hof houdt de zaak aan en verzoekt partijen nadere stukken te overleggen en het geschil minnelijk te regelen.