Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling
Tene kuenta ku e preisnan di benta stipulá den pasadonota na vigor mas”. [appellant] is niet op dit aanbod ingegaan.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
De zaak betreft een geschil tussen [appellant], huurder van een sociale huurwoning van de stichting FUNDASHON CAS BONAIRIANO (FCB), en FCB zelf. [Appellant] vorderde dat FCB verplicht zou zijn het gehuurde huis aan hem te verkopen tegen een gereduceerde voorkeursprijs, gebaseerd op eerdere verkooppraktijken en aanbiedingen. Het Gerecht in eerste aanleg wees deze vordering af, waarna [appellant] in hoger beroep ging.
In hoger beroep stelde het Hof vast dat FCB geen onherroepelijk aanbod had gedaan noch een koopoptie was overeengekomen. Eerdere aanbiedingen van FCB waren herroepelijk en vervallen, mede omdat FCB haar verkoopbeleid had gewijzigd. De huurovereenkomst bevatte geen koopoptie en [appellant] had niet tijdig een koopintentie kenbaar gemaakt. Bovendien had FCB het recht om haar beleid aan te passen en woningen niet langer te verkopen tegen de gereduceerde prijs.
Het Hof oordeelde dat de weigering van FCB om het huis tegen een voorkeursprijs te verkopen niet onrechtmatig was, mede gelet op het belang van FCB om betaalbare huurwoningen te behouden en de gemaakte onderhoudskosten. Het beroep van [appellant] werd afgewezen en het vonnis van de eerste aanleg bevestigd, met veroordeling van [appellant] in de proceskosten.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat FCB niet verplicht is het huis aan [appellant] te verkopen tegen een gereduceerde voorkeursprijs en wijst het beroep af.