ECLI:NL:OGHACMB:2022:172

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
28 juni 2022
Publicatiedatum
30 december 2022
Zaaknummer
H 64/22
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 427 lid 2 Wetboek van Strafvordering Aruba
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens afstand en termijnoverschrijding

De verdachte werd door het Gerecht in eerste aanleg van Aruba veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden met een proeftijd van twee jaar, een werkstraf van 84 uren en een leerstraf van 16 uren, te vervangen door hechtenis indien niet naar behoren uitgevoerd.

De verdachte stelde op 1 april 2022 hoger beroep in tegen dit vonnis van 17 maart 2022. Tijdens de terechtzitting bleek uit het vonnis dat de verdachte en het openbaar ministerie ter terechtzitting afstand hadden gedaan van het recht op hoger beroep. De verdachte erkende deze afstand ook tijdens de zitting van het Hof.

Het Hof overwoog dat afstand van het recht op hoger beroep in principe niet kan worden teruggedraaid, tenzij bijzondere omstandigheden worden gesteld. De verdachte stelde geen bijzondere feiten of omstandigheden, ook niet na navraag. Daarnaast was het hoger beroep buiten de wettelijke termijn van veertien dagen ingesteld.

Daarom verklaarde het Hof de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep en wees het beroep af op basis van zowel afstand als termijnoverschrijding.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens afstand van het recht en overschrijding van de termijn.

Uitspraak

Zaaknummer: H 64/22

Parketnummer : 300.09952/22 (P 2020/09952)
Uitspraak : 28 juni 2022 Tegenspraak

Vonnis

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba van 17 maart 2022 in de strafzaak tegen de verdachte:

[VERDACHTE],

geboren op [geboortedatum] 1955 in [geboorteland],
wonende in [adres].
Hoger beroep
Het Gerecht heeft de verdachte bij zijn vonnis ter zake van het ten laste gelegde veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met een proeftijd van 2 jaren en tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 84 uren en een leerstraf, bestaande uit 16 uren in de vorm van het volgen van het Seks Awareness Program, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 42 respectievelijk 8 dagen hechtenis.
De verdachte heeft op 1 april 2022 hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Uit de aantekening op het extract van het vonnis dat op 17 maart 2022 is gewezen door het Gerecht in Eerste Aanleg blijkt dat de veroordeelde (en ook het openbaar ministerie) ter terechtzitting afstand heeft gedaan van het recht om hoger beroep in te stellen. De verdachte heeft ter terechtzitting van het Hof erkend dat hij die afstand heeft gedaan. Als regel heeft te gelden dat in het geval waarin ter terechtzitting door de verdachte afstand is gedaan van het recht om hoger beroep in te stellen, daarop niet kan worden teruggekomen. Een uitzondering op deze regel moet worden gemaakt als blijkt van bijzondere feiten of omstandigheden, die meebrengen dat die gedane afstand niet kan gelden als afstand in de zin van artikel 427 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering van Aruba. Door de verdachte zijn dergelijke feiten of omstandigheden niet gesteld, ook niet nadat hij daarover ter terechtzitting is bevraagd.
Ten overvloede overweegt het Hof dat de verdachte het hoger beroep heeft ingesteld buiten de wettelijke termijn van veertien dagen na de einduitspraak, waardoor ook om die reden de verdachte niet kan worden ontvangen in het hoger beroep.

BESLISSING

Het Hof:
verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het door hem ingestelde hoger beroep.
Dit vonnis is gewezen door mrs. R. Veldhuisen, M.J. de Kort en R.L.M. van Opstal,
leden van het Hof, bijgestaan door mr. E.L. den Dekker, zittingsgriffier, en op 28 juni 2022 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba.
Mr. R.L.M. van Opstal is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
De uitspraakgriffier: