Uitspraak
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigt de aangevallen uitspraak.
mr. E.J. Daalder, leden, in tegenwoordigheid van mr. R.M.C.S. van der Heide, griffier.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant, een inwoner van Aruba met Dominicaanse nationaliteit, verzocht om inschrijving van zijn in de Dominicaanse Republiek gesloten huwelijk in het Arubaanse bevolkingsregister. De Dienst Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister (DBSB) wees dit verzoek af wegens strijd met de openbare orde, omdat er sprake zou zijn van een schijnhuwelijk gericht op verblijfsrecht.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat het onderzoek naar het vermeende schijnhuwelijk niet volledig was afgerond en dat hij het briefje alleen gebruikte om informatie uit het hoofd te leren. Het Hof overwoog dat appellant tijdens de huwelijkstoets een briefje bij zich had met persoonsgegevens van zijn echtgenote en familie, wat het vermoeden van een schijnhuwelijk bevestigt.
Het Hof stelde vast dat appellant onvoldoende objectief bewijs had geleverd van een affectieve relatie vóór het huwelijk en dat het oogmerk bij het aangaan van het huwelijk bepalend is. Het feit dat appellant en zijn echtgenote nog steeds getrouwd zijn en dat laatstgenoemde een voorlopige toelating tot Aruba heeft, is niet relevant voor de beoordeling. Het beroep op artikel 8 en Pro 14 EVRM werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de bestreden uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de inschrijving van het huwelijk wordt geweigerd wegens schijnhuwelijk.