In deze zaak is in hoger beroep het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten bevestigd waarbij Express c.s. werd bevolen de afgravings-, bouw- en ontwikkelingsactiviteiten op een perceel dat toebehoort aan Madam’s Estate te staken en het terrein te ontruimen.
De kern van het geschil betreft de eigendom en het gebruik van een stuk grond aan de Arch Road in Madam’s Estate. Express c.s. hebben een gedeelte van deze grond afgegraven, bebouwd met een houten huisje en in gebruik genomen als stalling voor zwaar materieel. Madam’s Estate stelt dat deze handelingen onrechtmatig zijn omdat het terrein haar eigendom is, wat door het Hof voorshands is bevestigd op basis van kadastrale gegevens en kaarten.
Express c.s. voerden aan dat het afgegraven gedeelte niet aan Madam’s toebehoort maar aan de erven van een derde partij, en dat de grenzen van het perceel onzeker zijn. Het Hof verwierp deze stellingen en oordeelde dat ook bij onzekerheid over de perceelsgrenzen het afgraven en bebouwen van het perceel van Madam’s onrechtmatig is vanwege de ingrijpende en mogelijk onomkeerbare gevolgen.
Daarnaast heeft het Hof de begroting van de buitengerechtelijke kosten aangepast en Express c.s. veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is gewezen door drie leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.