Uitspraak
Het betoog faalt.
Beslissing
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant, die sinds 2009 meerdere malen zonder de vereiste vergunningen in Sint Maarten verbleef en werkte, kreeg in 2015 een terugkeerverbod van drie jaar opgelegd na vreemdelingenbewaring en uitzetting. Ondanks een aanvraag voor een vergunning tot tijdelijk verblijf (vttv) in 2015, werd deze geweigerd vanwege het geldende terugkeerverbod.
Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering ongegrond. In hoger beroep bevestigde het Hof deze uitspraak. Het Hof oordeelde dat appellant bekend was met het terugkeerverbod, dat hij niet had aangevochten en dat een ambtelijke fout in een oproepingsbrief geen recht gaf op verlening van de vttv. Ook werd het beroep op het vertrouwensbeginsel en het verbod van willekeur verworpen, omdat appellant geen concrete toezeggingen of onderbouwing van uitzonderingen had aangevoerd.
Het Hof concludeerde dat het terugkeerverbod aan de verlening van een vttv in de weg staat en dat de minister zorgvuldig en gemotiveerd heeft gehandeld. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning tot tijdelijk verblijf bevestigd vanwege het geldende terugkeerverbod.