ECLI:NL:OGHACMB:2018:7

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
9 januari 2018
Publicatiedatum
12 februari 2018
Zaaknummer
AR 3/15 - ghis 80793 - H 328/16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Descente gelast ter vaststelling perceelgrenzen en belangen bij gebruiksovereenkomst op Bonaire

In deze civiele zaak tussen [appellant] en Bonaire-Harbour Side N.V. (BHS) staat een geschil omtrent de omvang en grenzen van perceel D630 en de Shopping Mall centraal. [Appellant] stelt dat er een transformatorhuisje op perceel D630 staat met een doorgang in de muur aangebracht door BHS, terwijl BHS betwist dat het perceel in zichtbare en bouwtechnische zin vrijwel geheel onderdeel is van de Shopping Mall.

Het Hof heeft op 9 januari 2018 besloten een descente te gelasten op het perceel en de Shopping Mall om een beter beeld te krijgen van de situatie ter plaatse. Tevens zal het Hof onderzoeken welke belangen partijen hebben bij het toe- of afwijzen van de vorderingen en of een minnelijke regeling mogelijk is met een praktische bouwtechnische oplossing.

Partijen zijn erop gewezen dat het Hof slechts enkele malen per jaar in meervoudige samenstelling op Bonaire aanwezig kan zijn en dat uitstelverzoeken in principe worden afgewezen. De descente staat gepland op 16 februari 2018 om 14.00 uur. Het verdere verloop van de procedure wordt aangehouden totdat de descente heeft plaatsgevonden.

Uitkomst: Het Hof gelast een descente op Bonaire om de perceelgrenzen en belangen nader te onderzoeken en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

Burgerlijke zaken over 2018 Vonnis no.:
Registratienummer: AR 3/15 - ghis 80793 - H 328/16
Uitspraak: 9 januari 2018
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
V O N N I S
in de zaak van:
[APPELLANT],
wonende op Bonaire,
oorspronkelijk eiser in conventie, verweerder in reconventie,
thans appellant,
gemachtigde: mr. C. de Bres,
tegen
de naamloze vennootschap
BONAIRE-HARBOUR SIDE N.V.,
gevestigd op Bonaire,
oorspronkelijk gedaagde in conventie, eiseres in reconventie,
thans geïntimeerde,
gemachtigden: mrs. M.F. Murray en D.M. Wildeman.
De partijen worden hierna [appellant] en BHS genoemd.

1.Het verdere verloop van de procedure

Bij vonnis van 4 april 2017 heeft het Hof de zaak naar de rol verwezen. BHS heeft een akte met producties ingediend (waaronder een usb-stick). [appellant] heeft een antwoordakte ingediend. Vonnis is gevraagd en nader bepaald op heden.

2.De beoordeling

2.1
Het Hof zal een descente gelasten om een nader beeld te krijgen van de omvang en grenzen van perceel D630 en de Shopping Mall. Hierbij is van belang dat er volgens [appellant] een transformatorhuisje op het perceel D630 staat met een door BHS aangebrachte doorgang in de muur, terwijl volgens BHS het perceel in zichtbare en bouwtechnische zin nagenoeg geheel onderdeel is van de Shopping Mall. Ook dient te worden onderzocht welke belangen over en weer gemoeid zijn bij toe- en afwijzing van het gevorderde: wat moet ervoor worden opgeofferd en wat wordt ermee bereikt? Het Hof wenst ook te onderzoeken in hoeverre de zaak minnelijk geregeld kan worden met een praktische bouwtechnische oplossing ter plaatse. Daarom kan het zinvol zijn dat partijen mensen met bouwtechnische kennis meebrengen.
2.2
Partijen dienen er rekening mee te houden dat het Hof slechts enkele malen per jaar in meervoudige samenstelling op Bonaire aanwezig kan zijn. Een uitstelverzoek zal daarom in beginsel afgewezen worden (zie voetnoot 9 van het Procesreglement 2016).

B E S L I S S I N G

Het Hof:
gelast een descente ter plaatse van perceel D630 en de Shopping Mall op Bonaire op vrijdag 16 februari 2018 om 14.00 uur;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mrs. J. de Boer, G.C.C. Lewin en H.J. Fehmers, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao uitgesproken op 9 januari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.