Uitspraak
[APPELLANT 2],
[GEÏNTIMEERDE 1],
[GEÏNTIMEERDE 2],
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of appellant 2 aansprakelijk was voor onvoltooide renovatiewerkzaamheden en welke bedragen betaald moesten worden. Het Hof bevestigde dat appellant 2 niet aansprakelijk kon worden gehouden voor meer werkzaamheden dan schriftelijk was verklaard. Diverse punten uit een rapport van een architectenbureau werden buiten beschouwing gelaten vanwege onvoldoende onderbouwing.
Het Hof oordeelde dat de vordering van 19.976 gulden geheel niet toewijsbaar was omdat geïntimeerden minder hadden betaald dan de oorspronkelijke aanneemsom, ook rekening houdend met kosten voor het afmaken van het werk door derden. Wel werden vorderingen tot vergoeding van nodeloos gemaakte kosten en kosten voor het opstellen van een opnamerapport toegewezen, tezamen een bedrag van 19.172,50 gulden.
De wettelijke rente werd toegewezen vanaf de dag van betekening van het verzoekschrift en het Hof vernietigde het verstek- en verzetvonnis. Proceskosten werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Appellant 2 wordt veroordeeld tot betaling van 19.172,50 gulden met wettelijke rente vanaf 27 augustus 2014, proceskosten worden gecompenseerd.