Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
“(…) dat Winair, met haar (…) aanbevelingen en door haar medewerking te verlenen aan de opzegging door het Land van de (…) gesloten overeenkomst, gehandeld heeft in strijd met de goede trouw”.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
De zaak betreft een geschil tussen appellant en Winward Islands Airways International N.V. (Winair) en het Land Sint Maarten over een ongedaanmakingsverbintenis na ontbinding van een overeenkomst inzake aandelenoverdracht. Appellant vordert betaling van een bedrag dat volgens hem verschuldigd is na buitengerechtelijke ontbinding van de overeenkomst.
In eerste aanleg oordeelde het Gerecht dat geen sprake was van buitengerechtelijke ontbinding en wees de vordering van appellant af. Appellant stelde hoger beroep in met acht grieven, stellende dat het hof de vonnissen moet vernietigen en zijn vordering toewijzen.
Het hof stelt vast dat de feiten zoals vastgesteld in eerdere vonnissen onbetwist zijn en dat de vordering van appellant is gebaseerd op een ongedaanmakingsverbintenis die na ontbinding van de overeenkomst is ontstaan. Het hof overweegt dat de vordering verjaard is omdat de ontbinding plaatsvond in oktober 2005 en de verjaringstermijn vijf jaar bedraagt. Pogingen tot stuiting van de verjaring door appellant worden verworpen omdat eerdere procedures en sommatiebrieven niet zien op dezelfde grondslag.
Het hof bevestigt het vonnis van eerste aanleg, wijst het hoger beroep af en veroordeelt appellant in de kosten van het geding.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt de verjaring van de vordering tot nakoming van de ongedaanmakingsverbintenis.