Uitspraak
1.[de Vader],
1.Het verloop van de procedure
2.Beoordeling
Landsverordening overgangsrecht nieuw Burgerlijk Wetboek).
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Na het overlijden van de erflaatster zonder testament ontstond een geschil over de omvang van de geldvorderingen van haar twee zonen op de nalatenschap. De vader had tijdens het huwelijk schenkingen gedaan aan zijn zonen, die volgens hem niet terugbetaald hoefden te worden. Eén zoon stelde dat sprake was van een wilsgebrek bij een schenking en dat een deel van het geld een natuurlijke verbintenis was vanwege zorg aan de ouders.
Het Hof oordeelde dat de zorg geen natuurlijke verbintenis tot betaling van het geschonken bedrag opleverde, maar dat sprake was van een (remuneratoire) schenking. De waarde van de ontbonden huwelijksgemeenschap minus een niet tot de nalatenschap behorend huis werd berekend, waarna het erfdeel van elk erfgenaam werd vastgesteld. Dit erfdeel was lager dan de waarde van de schenkingen, waardoor de geldvorderingen van de zonen op nihil werden gesteld.
De bestreden beschikking werd vernietigd en de omvang van de geldvorderingen werd vastgesteld op nihil. Vanwege de nauwe familiebanden werden de proceskosten gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De geldvorderingen van de erfgenamen worden op nihil vastgesteld en de proceskosten worden gecompenseerd.