ECLI:NL:OGHACMB:2016:61
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering na naasting van betwist recht onder Belgisch recht
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de geïntimeerde zich kon bevrijden van een betwist recht dat was overgedragen aan Alveras N.V. onder toepassing van artikel 1699 van Pro het Belgisch Burgerlijk Wetboek. Alveras voerde aan dat deze bepaling niet van toepassing was omdat er geen sprake was van speculatie, maar dit verweer werd verworpen. Ook het beroep op een uitzondering in artikel 1701 werd Pro afgewezen omdat de overdracht niet kon worden aangemerkt als betaling aan een schuldeiser.
Daarnaast stelde Alveras dat zij schadeloos gesteld moest worden voor de proceskosten die zij had gemaakt in verband met de naasting. Het Hof oordeelde dat de wet slechts vergoeding van de werkelijke prijs, wettig gemaakte kosten en interest voorschrijft en dat proceskosten niet onder deze vergoeding vallen. De geïntimeerde had de werkelijke prijs van één euro betaald, en het Hof stelde de interest op nihil vanwege de geringe hoogte van het bedrag.
Omdat de geïntimeerde zich door naasting had bevrijd van het betwiste recht, hoefde het Hof niet te oordelen over de geldigheid van de overdracht of de verjaring van de vordering. Het Hof vernietigde het vonnis waarvan beroep, wees de vordering af en bepaalde dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: De vordering wordt afgewezen en iedere partij draagt haar eigen proceskosten.