ECLI:NL:OGHACMB:2016:57

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
31 mei 2016
Publicatiedatum
3 augustus 2016
Zaaknummer
EJ 70317/14 - H 63/16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 429n Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering Curaçao
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens overschrijding appeltermijn

De man is in hoger beroep gekomen tegen beschikkingen van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, maar heeft het beroepschrift te laat ingediend. De appeltermijn van zes weken was verstreken op 7 mei 2015, terwijl het beroepschrift pas op 24 december 2015 werd ingediend.

De man stelde dat hij de beschikking eerder had ontvangen, maar ook dan was de termijn overschreden. De advocaat van de man gaf aan dat hij ten onrechte dacht dat de termijn drie maanden bedroeg, wat voor risico van de man komt.

Het Hof oordeelt dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en verklaart de man niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Gezien de aard van de procedure worden de proceskosten gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.

Uitkomst: De man wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens overschrijding van de appeltermijn.

Uitspraak

Burgerlijke zaken over 2016 Beschikking no.:
Registratienummer: EJ 70317/14 - H 63/16
Uitspraak: 31 mei 2016
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
B E S C H I K K I N G
in de zaak van:
[appellant],
wonende te Assen, Nederland,
oorspronkelijk verweerder,
thans appellant,
gemachtigde: mr. J.B.F. Soppe, advocaat te Assen, Nederland,
tegen
[geïntimeerde],
wonende in Curaçao,
oorspronkelijk verzoekster,
thans geïntimeerde,
procederende in persoon.
De partijen worden hierna de man en de vrouw genoemd.

1.Het verloop van de procedure

1.1
Bij beroepschrift van 24 december 2015, met producties, ter griffie ingekomen op 24 december 2015 per e-mailbericht en op 23 februari 2016 in hard copy, is de man in hoger beroep gekomen van de tussen partijen gewezen en op 22 januari 2015 en 26 maart 2015 uitgesproken beschikkingen van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (verder: GEA). Bij het beroepschrift heeft de man drie grieven tegen de beschikking van 26 maart 2015 aangevoerd en toegelicht. Zijn conclusie strekt ertoe dat het Hof, uitvoerbaar bij voorraad, de beschikking van 26 maart 2015 zal vernietigen en de verzoeken van de vrouw alsnog zal afwijzen.
1.2
Een verweerschrift in hoger beroep is niet ingekomen.
1.3
Op 3 mei 2016 is het hoger beroep mondeling behandeld op Curaçao. Namens de man is verschenen: mr. K.J. Kanning, advocaat te Assen, Nederland. De vrouw is in persoon verschenen. Na partijdebat is beschikking bepaald op heden.

2.De beoordeling

2.1
De man heeft in eerste aanleg een verweerschrift doen indienen door een advocaat en is aldus in de procedure verschenen. Daarom is ingevolge
art. 429n lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van Curaçao de appeltermijn zes weken, te rekenen van de dag van de uitspraak. Die termijn verstreek op 7 mei 2015. Het beroepschrift is (ten vroegste) op
24 december 2015 ingekomen. De appeltermijn is dus overschreden.
2.2
Een termijnoverschrijding is verschoonbaar indien degene die beroep instelt, ten gevolge van een door (de griffie van) het GEA of het Hof begane fout of verzuim niet tijdig wist en redelijkerwijs ook niet kon weten dat de rechter uitspraak heeft gedaan en de uitspraak hem als gevolg van een niet aan hem toe te rekenen fout of verzuim pas na afloop van de termijn voor het instellen van hoger beroep of cassatie is toegezonden of verstrekt. In een zodanig geval moet de appeltermijn verlengd worden met een termijn van veertien dagen - of een zoveel kortere termijn als overeenstemt met de wettelijke beroepstermijn - na de dag van verstrekking of verzending van de beschikking. In het midden kan blijven of een zodanig geval zich voordoet. Volgens de eigen stelling van de man heeft hij de beschikking van
26 maart 2016 bij brief van 25 november 2015 ontvangen. De termijn van veertien dagen vanaf 25 november 2015 verstreek op 9 december 2015 en is ook overschreden.
2.3
Ter zitting in hoger beroep heeft de advocaat van de man medegedeeld dat hij in de veronderstelling verkeerde dat de appeltermijn drie maanden bedroeg. Deze rechtsdwaling komt voor risico van de man.
2.4
Op grond van het voorgaande dient de man niet-ontvankelijk te worden verklaard in het hoger beroep. Gelet op de aard van de procedure zullen de proceskosten worden gecompenseerd.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
verklaart de man niet-ontvankelijk in het hoger beroep;
compenseert de proceskosten in hoger beroep aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J. de Boer, G.C.C. Lewin en D. Radder, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao,
Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao uitgesproken op 31 mei 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.