ECLI:NL:OGHACMB:2015:76
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- D. Radder
- V.P. Maria
- Rechtspraak.nl
Verwerping hoger beroep wegens ontbreken doorbrekingsgrond bij ontbinding arbeidsovereenkomst
In deze civiele procedure stonden twee hoger beroepen centraal tegen beschikkingen van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao waarin ontbinding van arbeidsovereenkomsten was uitgesproken met toekenning van een vergoeding.
Appellanten stelden dat het hoger beroep ontvankelijk moest worden verklaard vanwege doorbrekingsgronden, waaronder het niet scheiden van tegenverzoeken en ontbindingsverzoeken en het niet behandelen van de zaken in de juiste stand. Het hof oordeelde dat het Caribische procesrecht geen verplichting tot scheiding kent en dat er geen sprake was van een bindende eindbeslissing in eerste aanleg.
De gestelde doorbrekingsgronden werden niet aanvaard. Het hof bevestigde dat het hoger beroep tegen beschikkingen krachtens art. 7A:1615w BW slechts ontvankelijk is bij doorbrekingsgrond, die hier ontbrak. De tegenverzoeken konden wel worden behandeld, maar waren niet langer aan de orde nu de ontbinding in stand bleef.
Het hof verwierp het hoger beroep en bekrachtigde de bestreden beschikkingen, waarbij appellanten werden veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen wegens ontbreken van doorbrekingsgronden en de bestreden beschikkingen worden bekrachtigd.