ECLI:NL:OGHACMB:2015:103
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- F.J. Lourens
- V.P. Maria
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake eigendom en huur van woning op huurgrond te Curaçao
In deze civiele zaak staat centraal de eigendom en huur van een woning gelegen op huurgrond te Curaçao. [Eiser] stelt economisch eigenaar te zijn van de woning sinds 6 januari 2010 en vordert ontruiming, betaling van achterstallige huur en huur voor de periode dat [huurster] in de woning verbleef. [Huurster] heeft de woning bewoond en betaalde huur aan [verhuurder], die volgens haar de verhuurder is.
Het Hof constateert dat [huurster] op het adres staat ingeschreven en dat de betekening van het vonnis correct is geschied. Het Hof benadrukt dat Curaçaose maatschappelijke opvattingen een gebruiksrecht kunnen toekennen aan degene die grond huurt en bebouwt, wat ook het recht kan omvatten om de woning te verhuren. Dit gebruiksrecht kan worden overgedragen en moet door derden worden gerespecteerd.
Het Hof overweegt dat indien [huurster] huur heeft betaald aan [verhuurder] sinds 6 januari 2010, zij op grond van artikel 6:34 lid 1 BW Pro kan tegenwerpen dat zij bevrijdend heeft betaald, mits zij op redelijke gronden aannam dat betaling aan [verhuurder] terecht was. Het Hof wijst op onzekerheid over de situatie na ontvangst van brieven waarin [eiser] zich als eigenaar presenteert, en dat het GEA [huurster] reeds heeft veroordeeld tot ontruiming in een andere procedure.
Het Hof verwijst de zaak naar de rol om partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over deze overwegingen en houdt verdere beslissing aan. Het vonnis is gewezen door de leden van het Gemeenschappelijk Hof op 10 maart 2015.
Uitkomst: De zaak is aangehouden en verwezen naar de rol voor nadere behandeling na overlegging aanvullende stukken.