ECLI:NL:OGHACMB:2014:122
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- R.W.L. Loeb
- P. van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergoeding orthodontiekosten wegens ontbreken ernstige noodzaak
Appellante, als wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige, verzocht vergoeding van orthodontiekosten bij het Uitvoeringsorgaan, welke werd afgewezen wegens onvoldoende medische noodzaak. Het Gerecht in eerste aanleg vernietigde de afwijzing vanwege onvoldoende motivering, waarna hoger beroep werd ingesteld.
Het Hof overwoog dat aanspraak op orthodontische hulp alleen bestaat indien sprake is van een indicatie zoals een gestoorde eruptie van elementen, wat bij de minderjarige niet is vastgesteld. Deskundigen bevestigden de diagnose 'moderate maxillary crowding', maar zonder functionele stoornis of gestoorde eruptie.
Het Hof verwierp het betoog over vermeende partijdigheid van het Gerecht, oordeelde dat de procedure eerlijk was en dat de benoeming van een deskundige verbonden aan het Uitvoeringsorgaan niet onpartijdigheid aantoonde. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van vergoeding van orthodontiekosten bevestigd.