ECLI:NL:OGHACMB:2013:CA0514
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep in zaak scheiding van tafel en bed
In deze zaak stond het hoger beroep van de vrouw tegen een eindbeschikking van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao centraal, waarin onder meer de scheiding van tafel en bed en alimentatie waren behandeld.
De vrouw stelde dat het hof de bestreden beschikking moest vernietigen en het verzoek tot echtscheiding en alimentatie moest toewijzen. De man diende geen verweerschrift in. Tijdens de mondelinge behandeling op 6 november 2012 waren beide partijen aanwezig.
Het hof oordeelde dat de vrouw niet-ontvankelijk was in haar hoger beroep omdat zij het beroep tegen het deel van de beschikking waarin het verzoek tot echtscheiding was afgewezen niet binnen zes weken na de uitspraak van 10 januari 2012 had ingesteld. Eveneens was zij niet-ontvankelijk voor het hoger beroep tegen de scheiding van tafel en bed van 6 maart 2012, omdat het beroep te laat was ingediend.
Het hof wees partijen op de wettelijke termijnen voor inschrijving van de scheiding van tafel en bed en de gevolgen daarvan. Tevens werd gewezen op het feit dat echtscheiding tijdens de scheiding van tafel en bed is uitgesloten. Gezien de aard van de procedure werden de kosten gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar hoger beroep en compenseert de kosten van de procedure.