ECLI:NL:OGHACMB:2011:BT2488
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen tot verval concessie Scarlet en verbod gebruik concessie
Appellanten, drie naamloze vennootschappen gevestigd in Sint Maarten, vorderden in hoger beroep een verklaring voor recht dat de concessie van Scarlet van rechtswege was vervallen, een verbod aan Scarlet om nog gebruik te maken van haar concessie en een veroordeling tot schadevergoeding. Het Hof verwijst naar eerdere vonnissen van het Gerecht in eerste aanleg en behandelt de grieven van appellanten tegen deze vonnissen.
Het Hof oordeelt dat het aan de vergunningverlener is om vast te stellen of sprake is van niet-naleving van vergunningsvoorwaarden en of de concessie vervalt. Er is geen besluit van de vergunningverlener dat de concessie van Scarlet is vervallen. De bepalingen in de concessie met betrekking tot verval en gebruik hebben geen derdenwerking zodat appellanten zich daar niet op kunnen beroepen in civiel geding.
Verder oordeelt het Hof dat appellanten onrechtmatig hebben gehandeld door Scarlet de gevraagde interconnectie te ontzeggen, wat mogelijk schade heeft veroorzaakt. De vordering tot verbod en schadevergoeding wegens het ontbreken van een vestigingsvergunning wordt afgewezen omdat Scarlet wel over een concessie beschikt en onvoldoende is gesteld dat zij niet aan de eisen voldoet.
Het Hof vernietigt het vonnis van 24 mei 2010 slechts voor zover het Scarlet onterecht kosten toewijst, bevestigt de overige vonnissen en veroordeelt appellanten in de proceskosten van beide hoger beroepen.
Uitkomst: Het Hof wijst de vorderingen van appellanten af en veroordeelt hen in de proceskosten.