ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ0662
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onregelmatig ontslag werknemer met arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd
Werknemer was sinds 3 april 2007 werkzaam bij HVBC op Bonaire op basis van opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd, laatstelijk als hotelconciërge. Het laatste contract liep af op 14 april 2009, waarna werknemer in de veronderstelling verkeerde dat de arbeidsovereenkomst zou eindigen. HVBC heeft werknemer echter niet geïnformeerd dat de arbeidsovereenkomst inmiddels voor onbepaalde tijd was geworden.
Na beëindiging van het dienstverband heeft werknemer een vordering ingesteld wegens onregelmatig ontslag. Het Gerecht in eerste aanleg wees deze af, waarna werknemer hoger beroep instelde. Het Hof oordeelde dat HVBC als goed werkgever niet had mogen laten bestaan dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege zou eindigen en dat werknemer niet op eigen ontslag kon worden gehouden.
Het Hof stelde vast dat HVBC de opzegtermijn niet in acht had genomen, waardoor sprake was van onregelmatig ontslag. Werknemer had recht op wettelijke schadevergoeding gelijk aan één maand salaris en een cessantiavergoeding van twee weken loon. Nadere schadevergoeding werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. HVBC werd veroordeeld tot betaling van deze bedragen met wettelijke rente vanaf 14 april 2009, alsmede in de proceskosten.
Uitkomst: HVBC is veroordeeld tot betaling van wettelijke schadevergoeding en cessantiavergoeding met rente wegens onregelmatig ontslag.