ECLI:NL:OGEANA:2009:BJ8130
Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen
- Kort geding
- G.E.M. Polkamp
- Rechtspraak.nl
Weigering kort geding inzake ontruiming woonhuis en vergoedingsvordering vriendin na overlijden erflater
Erflater is overleden zonder uiterste wilsbeschikking, waarna zijn erfgenamen de vriendin van erflater hebben gedagvaard met het verzoek het woonhuis te ontruimen en openstaande rekeningen te betalen. De vriendin had langdurig met erflater samengewoond en stelde dat zij mede had bijgedragen aan de aflossing van de lening en onderhoud van het woonhuis.
Het gerecht oordeelde dat bij langdurige relaties vaak een gemeenschappelijk vermogen ontstaat, meestal beperkt tot de inboedel, maar dat het bepalen van eigendom en vergoedingsvorderingen nader feitenonderzoek vereist. De nominalistische visie op vergoedingsvorderingen is vervangen door een beleggingsvisie, waarbij de vergoeding wordt gekoppeld aan de waarde van het goed.
Omdat het kort geding geen plaats biedt aan dergelijk uitgebreid bewijs, en de zaak feitelijk onduidelijk is, wees het gerecht de gevraagde voorzieningen af. De erfgenamen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering tot ontruiming en betaling.
De uitspraak benadrukt dat zonder testament alleen erfgenamen gerechtigd zijn tot de nalatenschap en dat de vriendin mogelijk een vergoedingsvordering kan hebben, maar dat dit in een bodemprocedure nader moet worden onderzocht.
Uitkomst: Het gerecht weigert de gevraagde voorzieningen en verklaart erfgenamen niet-ontvankelijk in hun vordering tot ontruiming en betaling.