ECLI:NL:OGEANA:2008:BG2536
Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.A.C. Smid
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak moord en veroordeling ontucht minderjarige op Curaçao
Het Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen heeft verdachte vrijgesproken van moord, doodslag en mishandeling met de dood ten gevolge, omdat het bewijs onvoldoende was en te zeer steunde op de onsamenhangende en wisselende eigen verklaringen van verdachte. Verdachte werd aanvankelijk gearresteerd na een onsamenhangende verklaring en bekende later, maar trok dit weer in. Een gedragsdeskundige stelde vast dat verdachte randbegaafd en beïnvloedbaar is.
Er werd nagelaten objectief sporenonderzoek te verrichten, waardoor de bekentenis onvoldoende steun vond in andere bewijzen. Het tweede feit, ontuchtige handelingen met een meisje tussen twaalf en vijftien jaar, werd wel bewezen verklaard. Verdachte had meerdere keren seksuele gemeenschap met het minderjarige meisje, wat strafbaar is volgens artikel 251 van Pro het Wetboek van Strafrecht van de Nederlandse Antillen.
De rechtbank achtte geen rechtvaardigings- of schulduitsluitingsgronden aannemelijk. De psychiater en psycholoog rapporteerden dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is, met een verstoorde ontwikkeling en een geschiedenis van dagelijks marihuanagebruik. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 18 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar, gekoppeld aan reclassering en verslavingsbehandeling. De voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van moord en veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf voor ontucht met een minderjarige, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.