Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
VLV DEVELOPMENTS B.V.,
1.de naamloze vennootschap OMNIUM GROUP N.V.,
en
POPA MANAGEMENT N.V.,
Het Gerecht wijst deze vorderingen af.
- het inleidend verzoekschrift, op 30 september 2025 ter griffie ingediend;
- de conclusie van antwoord van 20 januari 2026.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Deze opzegging blijft naar het oordeel van het Gerecht zonder rechtsgevolg. VLV heeft namelijk niet onderbouwd dat Omnium VLV tot het aangaan van de huurovereenkomst heeft bewogen door het (opzettelijk) doen van onjuiste mededelingen, het verzwijgen van informatie of enige andere kunstgreep. VLV heeft verder niet onderbouwd dat van enige omstandigheid als genoemd in artikel 3:44 BW Pro sprake was ten tijde van het sluiten van de huurovereenkomst.
Ook deze ontbinding treft naar het oordeel van het Gerecht geen doel. Vast staat namelijk dat de maandelijkse huur sinds de start van de huurovereenkomst van 2022 rechtstreeks aan VLV werd betaald door Popa. Dat was ook zichtbaar voor VLV. Daarnaast was VLV bekend met het feit dat Indigo Restaurant feitelijk werd geëxploiteerd door Popa. Dit is door VLV ook erkend. VLV heeft zodoende (stilzwijgend) aanvaard dat Popa het restaurant feitelijk huurde en er is daarom geen sprake van verboden onderhuur. Dit levert daarom ook geen tekortkoming op aan de zijde van Omnium die ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt.
Deze plannen zijn inmiddels gewijzigd. Ter zitting heeft VLV verklaard dat het restaurant niet langer zal worden gesloopt, maar dat dit zal worden verbouwd en dat er een sales office aan het restaurant zal worden gebouwd. Daarvoor heeft VLV een bouwvergunning verkregen. Indigo Restaurant zal daarom zo snel mogelijk moeten verdwijnen, zodat met de bouw van het nieuwe restaurant en de sales office kan worden begonnen en de geplande (soft) opening van het nieuwe restaurant met sales office in september 2026 gehaald kan worden. Toestemming van de huurcommissie is niet nodig, omdat het restaurant zich in een resort zal bevinden. Daarom is de uitzondering van artikel 7:274 BW Pro van toepassing, aldus VLV.