ECLI:NL:OGEAM:2026:72

Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten

Datum uitspraak
29 mei 2026
Publicatiedatum
22 juni 2026
Zaaknummer
SXM202600406
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing ontruimingsvordering appartement wegens huurachterstand

Eiseres en gedaagde zijn een huurovereenkomst aangegaan voor een appartement tegen een maandelijkse huur van USD 450. Gedaagde betaalde de huur niet, waardoor eiseres een achterstand van USD 5.400 vordert en ontruiming van het appartement verlangt.

Tijdens de mondelinge behandeling verscheen alleen eiseres; gedaagde bleef verstek. De rechter oordeelde dat de ontruimingsvordering gegrond is en toewijsbaar, omdat gedaagde de huur niet betaalde en het appartement ontruimd moet worden.

De geldvordering tot betaling van de huurachterstand werd afgewezen omdat eiseres onvoldoende specificeerde wanneer huur wel of niet was betaald, geen aanmaningen overlegde en niet aannemelijk maakte waarom een bodemprocedure niet kon worden afgewacht.

Gedaagde werd veroordeeld tot ontruiming binnen een week na betekening en betaling van huur vanaf 1 mei 2026 tot ontruiming, alsmede in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Ontruiming van het appartement wordt toegewezen, betaling van huurachterstand wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
Zaaknummer: SXM202600406
Vonnisdatum: 29 mei 2026
in de zaak van
[eiseres],
wonende in Sint Maarten,
eiseres,
tegen
[gedaagde],
wonende in Sint Maarten,
gedaagde,
niet verschenen.
1.1. Eiseres heeft op 13 april 2026 een verzoekschrift ingediend. Vervolgens heeft op 22 mei 2026 de mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarbij eiseres is verschenen en het woord heeft gevoerd. Gedaagde is niet verschenen en tegen haar is verstek verleend. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat ter zitting is verklaard.
1.2. Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
Partijen zijn op 1 april 2022 een huurovereenkomst aangegaan met betrekking tot het aan eiseres in eigendom toebehorend appartement, plaatselijk bekend als [adres], appartement 1, tegen een huurprijs van USD 450.- per maand.

3.Het geschil

3.1.
Eiseres vordert om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,
  • Gedaagde te bevelen om binnen vierentwintig uur na het te wijzen vonnis bedoeld appartement met de hare en allen die namens haar ener recht daartoe menen te hebben, te ontruimen, deze leeg en ter vrije beschikking van eiseres te stellen;
  • Gedaagde te veroordelen om bij wijze van voorschot aan eiseres de som van USD 5.400,- zijnde de aan eiseres verschuldigde achterstallige en onbetaalde huur te betalen, zulks met doorbetaling van het huur tot en met de dag der ontruiming;
  • Gedaagde te veroordelen in de door eiseres gemaakte proceskosten.
3.2.
Eiseres legt aan haar vordering het volgende ten grondslag.
Gedaagde heeft haar betaling verplichting verzaakt en nagelaten de overeengekomen maandelijks huur te betalen. Zij is per heden USD 5.400,- aan huur aan eiseres verschuldigd ondanks verbale aanmaningen daartoe.
Eiseres is gepensioneerd en loopt op grond van het voorgaande huur mis en zal huurgelden blijven mislopen zolang gedaagde het gehuurde niet ontruimt of een rechterlijke beschikking daartoe heeft bekomen om de ontruiming te kunnen doen bewerkstelligen.
Eiseres lijdt als gevolg van wanbetaling en ongeoorloofd gedrag van gedaagde inkomensverlies en lijdt hierdoor onvoorziene financiële schade.
3.3.
Gedaagde is niet verschenen heeft geen schriftelijk verweer gevoerd.

4.De beoordeling

4.1.
De vordering tot ontruiming komt niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen.
De geldvordering van USD 5.400,-
4.2.
Voor de vordering tot betaling van de huurachterstand geldt het volgende. Naar vaste rechtspraak van de Hoge Raad moet de rechter bij de vraag of een geldvordering in kort geding toewijsbaar is, onderzoeken of de vordering van de eisende partij voldoende aannemelijk is. Daarnaast moet bij de eisende partij een spoedeisend belang bestaan, waardoor het voeren van een bodemprocedure niet kan worden afgewacht.
4.3.
Eiseres heeft in dit kort geding in het verzoekschrift alleen een totaalbedrag aan huurachterstand opgegeven. Er is geen specificatie van de achterstand gegeven, dus niet wanneer er wel en niet betaald is. Ook zijn er geen herinneringen of aanmaningen in het geding gebracht.
Volgens de huurovereenkomst is een bedrag van USD 450,- per maand verschuldigd door gedaagde. In totaal zou het dan gaan om negen maanden huurachterstand. In dat verband heeft eiseres onvoldoende onderbouwd, waarom zij niet eerder een bodemprocedure heeft gestart en waarom er dus op dit moment van haar niet kan worden verlangd om de huurachterstand via de gewone weg van een bodemprocedure te vorderen. Zij heeft dit ter zitting ook niet kunnen toelichten.
4.4.
Gelet op het voorgaande is de gevorderde huurachterstand in kort geding niet toewijsbaar.
4.5.
Gedaagde zal als de grotendeels in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op:
explootkosten Cg 249,50
zegelkosten Cg 10,00
griffierecht
Cg 450,00
totaal: Cg 709,50

5.De beslissing

Het Gerecht:
Rechtdoende in kort geding:
5.1.
veroordeelt gedaagde om binnen een week na betekening van dit vonnis het appartement, plaatselijk bekend als [adres], appartement 1, met al de haren en allen die menen een recht daartoe te ontlenen, leeg ter vrije beschikking van eiseres te stellen met betaling van een bedrag van USD 450,- als huur vanaf 1 mei 2026 tot en met de dag van algehele ontruiming;
5.2.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op Cg 709,50;
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, rechter, bijgestaan door de griffier, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2026.