Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
FOUNDATION TAMARIND APARTMENTS,
1.[gedaagde 1],
1.Het procesverloop
- het inleidend verzoekschrift met producties, op 4 maart 2025 ter griffie ingediend;
- de conclusie van antwoord, met producties van 19 augustus 2025, tevens eis in reconventie;
- de conclusie van antwoord in reconventie, met producties, van 29 januari 2026
- de aanvulling van 9 februari 2026 van Tamarind.
2.De feiten
index A6". Op het moment van het verlijden van de notariële akte van eigendomsoverdracht van de appartementsrechten is [X] van rechtswege
lid geworden van de Vereniging van Eigenaren, Tamarind.
3.Het geschil
[X] heeft de Foundation Fees, verzekeringspremies en Gebe kosten onbetaald
Subsidiair stelt de Foundation dat [X] wanprestatie pleegt vanwege het onbetaald laten van de rekeningen die zijn verschuldigd op basis van de
4.De beoordeling
Het Gerecht gaat aan deze stelling voorbij.
De lekkage die [X] in zijn conclusie van antwoord vermeldde, ging over een gesprongen of lekkende GEBE-leiding. Het is voor Tamarind niet mogelijk om nu, 5½ jaar later, op het voor het eerst op de zitting ingenomen standpunt te reageren.
proceskosten
beslagexploot Cg 1.259,50
betekeningsexploten Cg 481,-
griffierecht Cg 750,00
salaris gemachtigde
Cg 2.500,00+ (2,0 punten x Cg 1.250,-)
totaal: Cg 5.471,50
Een vordering tot schadevergoeding verjaart vijf jaar na de dag waarop de benadeelde bekend is geworden met zowel de schade als de daarvoor aansprakelijke persoon. [X] was uiterlijk in begin 2020 op de hoogte van de gestelde schade, want de overgelegde facturen dateren uit januari, februari en 11 augustus 2020. Uit de e-mail van 11 december 2020 van [X] volgt, dat hij al eerder bekend was met zowel de schade als de door hem veronderstelde oorzaak. Dat betekent dat de verjaringstermijn in januari 2020 is begonnen te lopen. De vordering in reconventie is pas ingesteld op 19 augustus 2025 en is daarmee te laat.
[X] heeft een en ander na het verweer van Tamrind ook niet betwist. Het verweer van Tamarind slaagt dus en de vordering in reconventie moet daarom worden afgewezen.