Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
1.Het procesverloop
- het inleidend verzoekschrift met producties, op 18 maart 2024 ter griffie ingediend;
- de incidentele conclusie van 11 juni 2024 van [gedaagde]
- de incidentele conclusie van antwoord van 25 juni 2024
- het vonnis van 26 augustus 2024 in het incident
- de conclusie van antwoord van 3 september 2024, tevens eis in reconventie
- de conclusie van repliek van 29 oktober 2024, tevens antwoord in reconventie;
- de conclusie van dupliek van 21 januari 2025, tevens repliek in reconventie;
- de conclusie van dupliek in reconventie van 18 maart 2025;
- het door mr. Merx vooraf ingestuurde schriftelijke pleidooi (41 bladzijden);
- de door mr. Veen toegezonden productie.
2.De feiten
3.Het geschil
[gedaagde] wist dat:
- De door [gedaagde] gemaakte kosten in verband met de verdediging tegen de vorderingen en veroordelingen en de reis- en verblijfkosten van zijn advocaat en advocaat secretaris naar Virginia, nader op te maken bij staat,
- immateriële schade als gevolg van de veroordelingen, nader op te maken bij staat;
- Eventuele overige schade, eveneens nader op te maken bij staat.
1 miljoen US dollar (USD 599.000, 275.000 en 131.000).