Uitspraak
UITSPRAAK
[minderjarige],
1.Aanduiding bestreden beschikking
2.Het verloop van de procedure
Feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
De beslissing
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Eiseres, burger van Guyana, diende in 2018 een aanvraag in voor een vergunning tot tijdelijk verblijf voor zichzelf en haar minderjarige kind. Eerder had zij rechtmatig verblijf gehad tot september 2011, maar verbleef sindsdien zonder geldige verblijfstitel en zonder tewerkstellingsvergunning op Sint Maarten. Verweerder wees de aanvraag af vanwege het langdurig verblijf zonder vergunning en het niet voldoen aan het uitlandigheidsvereiste, hetgeen inhoudt dat eerste aanvragen in principe in het buitenland moeten worden ingediend.
Eiseres stelde dat de weigering een schending van artikel 8 EVRM Pro (recht op gezinsleven) betekende, maar het Gerecht oordeelde dat geen sprake was van inmenging in het gezinsleven omdat er geen bestaande verblijfstitel werd ontnomen en het gezinsleven in het land van herkomst voortgezet kan worden. Het Gerecht vond de beslissing van verweerder niet onredelijk en voldoende gemotiveerd, mede vanwege de lange periode waarin eiseres zonder vergunning verbleef en het ontbreken van objectieve belemmeringen om het gezinsleven elders voort te zetten.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de beschikking van verweerder gehandhaafd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen zes weken na kennisgeving.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tijdelijke verblijfsvergunning is ongegrond verklaard.