ECLI:NL:OGEAM:2021:122
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing vergunning tijdelijk verblijf voor directeur wegens uitlandigheidsvereiste
Eiser diende een aanvraag in voor een vergunning tot tijdelijk verblijf met als doel arbeid als statutair directeur van een onderneming. Verweerder wees de aanvraag af wegens niet voldoen aan het uitlandigheidsvereiste, omdat eiser de aanvraag niet vanuit het buitenland had ingediend en afgewacht.
Eiser stelde beroep in en betoogde dat het beleid van verweerder onvoldoende duidelijk maakt dat het uitlandigheidsvereiste ook geldt voor aanvragen met het verblijfsdoel arbeid als directeur. Het Gerecht oordeelde dat de afwijzing per e-mail niet rechtsgeldig was, waardoor het beroep tijdig was ingediend.
Het Gerecht volgde de stelling van eiser en het eerdere oordeel van het Hof dat het uitlandigheidsvereiste niet duidelijk van toepassing is op eerste aanvragen voor verblijf met het doel arbeid als directeur. Daarom werd de afwijzing vernietigd en verweerder opgedragen een nieuwe beschikking te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de afwijzing van de vergunning tot tijdelijk verblijf wordt vernietigd.