Uitspraak
1. Toestemming procureur-generaal voor pseudokoop of –dienstverlening
Zo blijkt uit rapportages betreffende 15 en 21 mei 2018 dat verdachte, na de opmerking van de I dat hij bezig was met een bank waar hij een groot geldbedrag buiten de belastingen om contant kon storten, meedeelde dat de de grotere banken MOT meldingen moesten doen, zodat de I daar niet terecht zou kunnen, maar dat de I de contanten het beste gewoon in een tas mee kon nemen naar Sint Maarten, want niemand zou dat hier controleren.
Op 21 mei 2018 zei verdachte tijdens een avond uit tegen de I dat hij het met een trolley zou doen en dat hij het wist als er controles waren.
Uit een rapportage betreffende 22 juni 2018 blijkt dat [verdachte] in een gesprek over edelstenen tegen de I zei dat als je echt iets op Sint Maarten wilde krijgen, je met een privévliegtuig moest komen en dat hij ervoor kon zorgen dat deze naar een hangar of parkeerplek werden verplaatst, waar je er gemakkelijk bij kon zonder dat je gecontroleerd zou worden.
3. Equality of arms
nietafkomstig is uit enig misdrijf, in dit geval omdat het ter beschikking is gesteld door de opsporingsinstantie, niet een absoluut, maar een relatief ondeugdelijke (en daarmee strafbare) poging tot witwassen oplevert. Omdat de verdachte niet wist dat het geld niet uit misdrijf afkomstig was en zijn voornemen daarop wel was gericht kan het feit bewezen worden verklaard.
nietuit misdrijf afkomstig is, niet af aan de mogelijkheid dat de aan de verdachte ten laste gelegde gedragingen door hem zijn begaan ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf. Maar van die mogelijkheid is geen sprake indien niet bewezen kan worden dat het geld uit misdrijf afkomstig is. Nu de kern van het verwijt dat de verdachte wordt gemaakt is dat hij enerzijds heeft getracht een (naar hij meende: zwart) geldbedrag in te voeren, terwijl anderzijds vaststaat dat dit geldbedrag in werkelijkheid volledig van overheidswege was verstrekt en dus
nietuit misdrijf afkomstig was, kon het handelen van de verdachte nimmer tot (een poging tot) witwassen van dit geldbedrag leiden. Het gerecht is daarom van oordeel dat sprake is van een absoluut ondeugdelijke poging, zodat niet tot een bewezenverklaring kan worden gekomen. Het enkele feit dat de verdachte mogelijk meende dat dit geld wel afkomstig was uit enig misdrijf levert niet het bewijs daarvoor op. De verdachte dient van het onder 3 ten eerste en ten tweede ten laste gelegde feit te worden vrijgesproken.
ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde–
inSint Maarten, in strijd met zijn plicht als ambtenaar, giften, te weten tweemaal een geldbedrag van 5000 Amerikaanse dollars, heeft aangenomen, wetende dat deze hem, verdachte
werdengedaan en aangeboden ten gevolge van hetgeen door hem in zijn bediening is gedaan of nagelaten, immers heeft hij een persoon (meermalen) bij zijn aankomst op de luchthaven te Sint Maarten begeleid en informatie gegeven, waardoor deze persoon goederen Sint Maarten heeft ingevoerd zonder deze te melden aan de douane en zonder dat deze goederen werden gecontroleerd door de douane;
ten aanzien van het onder 2 ten eerste ten laste gelegde–
1.verklaring verdachte
de verdachteafgelegd ter terechtzitting bij het gerecht in eerste aanleg van 27 mei 2019. Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
2.Processen-verbaal van verbalisanten onder codenummer
A-4127.
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
verbalisant genoemd:
Ten aanzien van de betrouwbaarheid van de politieambtenaar A-4127 overweegt het gerecht nog dat deze, als getuige gehoord door de rechter-commissaris, heeft verklaard dat zijn verslaglegging steeds naar waarheid en volledig is geweest.
de ambtenaar:
Het gerecht trekt hieruit de conclusie dat uit het feit dat het land Sint Maarten, ondanks de formele private status van het bedrijf waar verdachte in dienst is, eigenaar is gebleven van de luchthaven (zowel de grond als het pand waar de luchthaven in is gevestigd), terwijl het bovendien via PJIAH voor 100% aandeelhouder is in het luchthavenbedrijf zelf, niet de verantwoordelijkheid voor de nationale luchthaven heeft willen prijsgeven maar integendeel aan zich heeft willen houden teneinde overwegende invloed te kunnen uitoefenen in de leiding en de bedrijfsvoering van de luchthaven. Naar het gerecht aanneemt heeft het land dit gedaan vanwege het grote nationale en daarmee publieke en economische belang dat een luchthaven heeft voor het land. Omdat de verdachte in dienst is bij de PJIAE kan hij worden aangemerkt als een persoon die onder toezicht en verantwoording van de overheid is aangesteld.
ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde-
ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde-
gevangenisstrafvoor de
18 (achttien) maanden.
de teruggave aan de verdachtevan alle onder hem, nog niet teruggegeven inbeslaggenomen voorwerpen, te weten: een paspoort ten name van [verdachte], een SM-J250M/DS, een Ipad A1458, een IPhone A1428, een GoPro hero 4, een klein bonnetje met twee telefoonnummers, diverse documenten en aantekeningen, een notitieblok, een blauwe USB, een Camerasysteem, een Olympus DP-102, een Pentax Optio camera en een zwarte Samsung SJ700M.