Uitspraak
Parketnummer: 100.00195/18 en 100.00306/18
Vonnis van dit Gerecht
(Verdachte),
Feit 1.
Feit 2.
Feit 3.
Feit 4.
gram, wat ook is ten laste gelegd. Het Gerecht ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisanten. Het verweer van de raadsvrouw, waarbij zij stelt dat het Gerecht moet uitgaan van “een hoeveelheid” wordt verworpen.
Feit 3.
of omstreeks29 mei 2018, in Sint Maarten
, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, een vuurwapen van het merk “SMITH & WESSON”, model BODYGUARD, kaliber “.38 S&W Special + P”, wapennummer”CWWW6370BG38” en
/of4 scherpe patronen en
/of126 scherpe patronen (van verschillende kalibers), in de zin van de Vuurwapenverordening 1930, voorhanden heeft gehad.
Feit 4.
of omstreeks29 mei 2018 te Sint Maarten,
tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, al dan nietopzettelijk,
heeft ingevoerd in de zin van artikel 1 lid 2 van Pro de Opiumlandsverordening 1960 en/of in zijn bezit heeft gehad en/ofaanwezig heeft gehad
en/of heeft aangewend12,5 (twaalf en een half) gram en
/of12.169 (twaalfduizend honderdnegenenzestig) gram en
/of161 (honderdeenenzestig) gram marihuana,
in elk geval een hoeveelheid hennep, althans hars die uit hennep wordt getrokken, althans een gebruikelijke bereiding waaraan de hars die uit hennep wordt getrokken ten grondslag ligt (zoals hashish),zijnde hennep een middel als bedoeld in artikel 1 Opiumlandsverordening Pro 1960 en/of in de Beschikking van de Minister van Volksgezondheid van 6 januari 2005 (P.B. 2005 no. 13);
Feit 3
Handelen in strijd met een verbod gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening, meermalen gepleegd.
Feit 4
Handelen in strijd met een verbod gesteld bij artikel 4, eerste lid, van de Opiumlandsverordening.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de
36 (zesendertig) maanden;