Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGEAC:2026:67

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Datum uitspraak
11 mei 2026
Publicatiedatum
20 mei 2026
Zaaknummer
CUR201802292
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:200a BWArt. 3:200b BWArt. 3:200c BWArt. 3:200d BWArt. 3:200e BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning eigendom Wanota aan bewoners en Land Curaçao in oude boedelzaak

Deze zaak betreft de langdurig onverdeeld gebleven nalatenschap Wanota, een terrein van circa 85.000 m2 te Curaçao, dat sinds 1830 op naam staat van Anthony Nicolaas. Het terrein is grotendeels bebouwd en bewoond door vele bewoners die als gebruikers worden aangemerkt op grond van artikel 3:200a e.v. van het Burgerlijk Wetboek.

Na een langdurige procedure met meerdere tussenbeschikkingen en uitgebreide betrokkenheid van bijna honderd belanghebbenden, heeft het Kadaster een kavelindelingsplan opgesteld en individuele meetbrieven opgemaakt. De gebruikers die aan de wettelijke criteria voldoen, zijn aangewezen en krijgen hun kavel in eigendom toegewezen. Het resterende deel van Wanota wordt aan het Land Curaçao toegekend, dat verantwoordelijk is voor verdere ontwikkeling en uitgifte aan gebruikers.

De beschikking volgt eerdere jurisprudentie en wettelijke bepalingen die een oplossing bieden voor oude boedels met onduidelijke eigendomssituaties. Het Land Curaçao wordt verzocht het terrein te ontwikkelen en uit te geven in eigendom, erfpacht of huur. De griffier wordt opgedragen de beschikking openbaar te maken en in te schrijven in de openbare registers.

Uitkomst: Eigendom van delen van Wanota wordt toegekend aan gebruikers en het resterende deel aan het Land Curaçao.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Afdeling civiel
Zaaknummer: CUR201802292
Beschikking van 11 mei 2026
betreffende het verzoek op grond van artikel 3:200a e.v. van het Burgerlijk Wetboek tot toekenning van (een deel van) de langdurig onverdeeld gebleven onroerende zaak
WANOTA
(SAVAAN JUAN ANTONIO / JUANOTA)
te Curaçao,
gelegen in het tweede district ten zuidwesten van Dein en ten noorden van Buena Vista, onder meer begrensd door de Cubaweg, de Grenadaweg en de Winston Churchillweg, groot ca. 85.000 m2, omschreven in (rest) rooibrief 7 van 1830,
ten name van Anthony Nicolaas, geboortedatum onbekend, wellicht 13 juni 1768, sterfdatum onbekend, wellicht 12 januari 1844,
van de verzoekers:
[1. t/m 19.]
gemachtigde: mr. L.L.A. Davelaar- Franklin,
met als in het geding verschenen belanghebbenden:
[20. t/m 92.]
belanghebbenden sub 52 t/m 55 en 73 t/m 77 met gemachtigde mr. B. Nagelmakers,
belanghebbenden sub 78 t/m 80 en 92 met gemachtigde mr. L.L.A. Davelaar-Franklin,
de overige belanghebbenden procederend in persoon,
en
HET LAND CURAÇAO,
gevestigd te Curaçao,
gemachtigde: mr. E. van den Berg,
en
ANDERE BELANGHEBBENDEN,
al dan niet verschenen,
aan wie een openbare oproeping is gedaan.

1.Inleiding

Dit is de laatste beschikking in de oude boedel-zaak Wanota.
Het betreft een langdurig onverdeeld gebleven nalatenschap bestaande uit een terrein van ongeveer 85.000 m2 gelegen tussen de Winston Churchillweg, de Cubaweg en de Grenadaweg. Het terrein staat volgens een rooibrief uit 1830 op naam van Anthony Nicolaas. Het terrein is grotendeels bebouwd en bewoond.
Verzoekers hebben op grond van de regeling voor de langdurig onverdeeld gebleven gemeenschappen van artikel 3:200a Burgerlijk Wetboek verzocht om aan ieder van hen een deel van het terrein in eigendom toe te kennen. In totaal zijn bijna honderd mensen in de procedure verschenen. Door het Kadaster is op verzoek van het gerecht een indelingsplan opgesteld. Een deel van de verzoekers en belanghebbenden heeft meetbrieven van de door hen gewenste kavels laten opmaken.
Het verzoek van verzoekers wordt gedeeltelijk toegewezen, met toekenning in eigendom van een deel van de kavels aan de bewoners en het resterende deel van het terrein aan het Land Curaçao.

2.Het procesverloop

2.1.
Het procesverloop blijkt uit:
- de tussenbeschikking van 25 oktober 2018,
- de tussenbeschikking van 6 mei 2019,
- het proces-verbaal van de zitting van 11 juni 2019,
- het proces-verbaal van de bezichtiging van 11 september 2019,
- de tussenbeschikking van 11 mei 2020;
- de tussenbeschikking 3 mei 2021;
- de tussenbeschikking van 15 februari 2022;
- de tussenbeschikking van 19 mei 2022,
- het proces-verbaal van de zitting van 20 juni 2022,
- de tussenbeschikking van 15 september 2022,
- de tussenbeschikking van 18 januari 2024;
- de tussenbeschikking van 22 april 2025;
- de brief van het Kadaster met kavelindelingsplan van 11 juni 2025.
2.2.
Na de laatste tussenbeschikking zijn reacties ontvangen van en namens verzoekers/belanghebbenden 1 t/m 19, 20, 21, 52 t/m 55, 73 t/m 77, 90 en 91. Hun reacties zijn voor zover relevant in deze beschikking verwerkt.
2.3.
De uitspraak is bepaald op vandaag.

3.Overwegingen uit de tussenbeschikkingen

De overwegingen uit de tussenbeschikkingen, voor zover relevant voor deze eindbeslissing, worden hier herhaald:
Beschikking 11 mei 2020:
nalatenschap Nicolaas Anthony of Anthony Nicolaas
Wanota staat in het plantageregister ten name van ‘Nicolaas. Anthony.’, hierna te noemen: erflater. Boven die naam staat doorgehaald ‘A. Anthony’. Dat kan een aanwijzing zijn dat Anthony de achternaam van erflater is. Geboortedatum en sterfdatum van erflater zijn niet bekend. Ook zijn geen afstammingsgegevens of overige gegevens bekend. Aannemelijk is evenwel dat de deelgenoten in de nalatenschap van erflater talrijk zijn en, voor zover het niet (ook) de in deze procedure verschenen personen betreft, niet opgespoord kunnen worden.
Wanota
Wanota, ook genoemd Savaan Juan Antonio of Juanota, is de naam van het terrein gelegen in het tweede district va Curaçao ten zuidwesten van Dein en ten noorden van Buena Vista. Wanota wordt onder meer begrensd door de Cubaweg, de Grenadaweg en de Winston Churchillweg en is ongeveer 8,5 hectare groot. Het is omschreven in (rest)rooibrief 7 van 1830. Op Wanota staan tientallen huizen, grotendeels bewoond.
artikel 3:200a en verder BW is van toepassing
Op grond van het voorgaande moet Wanota worden aangemerkt als een langdurig onverdeeld gebleven gemeenschap als bedoeld in artikel 3:200a e.v. BW.
De regeling van artikel 3:200a t/m 200h BW biedt de mogelijkheid dat bij zeer oude boedels, waarin door het tijdsverloop zeer vele (vaak deels niet meer te traceren) personen gerechtigd zijn, de rechter de onroerende zaak in eigendom toekent aan de gebruiker(s) van de onroerende zaak. Blijkens het eerste lid van artikel 3:200b BW zijn ‘gebruiker’ personen die de zaak tenminste tien jaren in gebruik hebben (bijvoorbeeld door bewoning). Lid 3 bepaalt dat ook personen ten aanzien van wie aanwijzingen bestaan dat zij deelgenoten zijn kunnen worden aangemerkt als gebruiker, waarbij de rechter rekening dient te houden met de band die zij hebben met de zaak en de mate van vermoedelijke verwantschap met de oorspronkelijke eigenaar.
ontwikkeling
Ingevolge art. 3:200c BW geldt als voorwaarde voor toekenning aan de gebruikers dat deze een aanvaardbaar voorstel hebben gedaan tot ontwikkeling van de zaak. Indien toekenning aan de gebruikers niet mogelijk is, kan toekenning plaatsvinden aan het Land, die dan vervolgens (na ontwikkeling) die uitgifte van de grond aan de gebruikers op zich neemt, alles voor zover dat redelijk is.
Wanota is een grote woonbuurt. Verdere ontwikkeling van Wanota ter verbetering van de ruimtelijke ordening van is ook volgens verzoekers en het Land noodzakelijk. Verzoekers hebben te kennen gegeven dat zij niet zelf een ontwikkelingsvoorstel kunnen doen (en financieren). Gelet daarop zal Wanota in eigendom aan het Land worden toegekend, ter uitgifte aan de gebruikers in - naar hun keuze - koop, erfpacht of huur, voor zover dat redelijk is.
Het Land zal worden verzocht een indelingsplan voor Wanota op te stellen, zoals het land dat ook heeft gedaan in vergelijkbare procedures over langdurig onverdeeld gebleven boedels (bijvoorbeeld Rancho en Vetter). Dat zal de volgende werkzaamheden omvatten:
a) karteren van alle bouwwerken (inmeten en vastleggen op kaart) en hun ontsluiting op de openbare weg (inclusief het nagaan van de functie, is de woning afgebouwd of niet, is de woning bewoond)
b) identificeren in het veld van alle toegepaste dan wel opgemaakte meetbrieven en bestaande erfscheidingen;
c) intekenen van alle bestaande aansluitingen van water, elektra en straatverlichting;
d) projecteren van adequate wegtracés, doen van calculaties, met aanduiding van welke aanpassingen eventueel nodig zijn van hetzij de bestaande tracés, hetzij percelen/meetbrieven of bouwwerken;
e) berekenen van de afwatering en projecteren van adequate voorzieningen voor de afwatering in het gebied, met aanduiding van welke aanpassingen eventueel nodig zijn;
f) inmeten van adequate wegtracés en alle benodigde ontsluitingen van alle woningen, met aanduiding van welke aanpassingen eventueel nodig zijn;
g) overleggen met nutsbedrijven over de bestaande capaciteit en benodigde ruimte voor eventuele voorzieningen (trafodoos/huis etc.), nagaan van adequaatheid van deze voorzieningen, gelet op het aantal huidige bewoners (distributieleidingen, capaciteit etc.), met aanduiding van welke aanpassingen eventueel nodig zijn;
h) inventariseren voor welke bouwwerken bouwvergunning is verleend en voor welke niet;
i) inventariseren straatnamen, huisnummering en namen van alle bewoners (ook van verhuurders en huurders);
j) aanwijzen van de grenzen van het terrein waarop het onderhavige verzoek betrekking heeft ten opzichte van het omliggende terrein.
k) opgave doen van de eventueel openstaande grondbelasting.
(…)
gebruikers
Verzoekers en de verschenen belanghebbenden wensen als ‘gebruiker’ te worden aangewezen. Hun namen en een samenvatting van de onderbouwing van hun aanspraken is in onderstaand schema opgenomen.
(…)
Beschikking 3 mei 2021 (gezamenlijke beschikking oude-boedelzaken):
In alle zaken zijn tussenbeschikkingen gegeven.
De tussenbeschikkingen zijn te vinden op de website van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (…).
In alle zaken is het Land aan zet, soms al jaren.
(…)
Deze zaken gaan over woonbuurten te Curaçao met een onduidelijke eigendomssituatie. Het gaat steeds om terrein (tera di famia) dat al héél lange tijd - soms al driehonderd jaar - op naam staat van lang geleden overleden personen.
Door het tijdsverloop, maar ook door gebrekkige registratie in het verleden van de gegevens van de burgerlijke stand (naam, geboorte, afstamming, overlijden, huwelijk, scheiding), is het bij dit soort oude boedels onmogelijk om tot een normale verdeling van de nalatenschap over te gaan: er zitten te veel gaten in de stamboom, er zijn inmiddels vaak honderden of duizenden personen die deelgenoot zijn in de nalatenschap, er zijn te veel deelgenoten onbekend of onvindbaar en de waarde van ieders erfdeel weegt vaak niet op tegen de kosten van een normale verdeling. Juridisch zijn deze langdurig onverdeeld gebleven terreinen een soort niemandsland. Gebruikers/bewoners kunnen zich (gevoelsmatig) als rechthebbende beschouwen, maar zij kunnen ‘hun’ perceel niet overdragen, niet verhypothekeren en niet aan hun kinderen nalaten.
Dit soort problematische oude boedels komt in Curaçao veel voor. In 2007 is een bijzondere wettelijke regeling ingevoerd die een oplossing kan brengen (artikel 3:200a e.v. Burgerlijk Wetboek). In het kort komt het erop neer dat de rechter stukken grond in eigendom kan toekennen aan de gebruikers (meestal: de bewoners) van het terrein. Op die manier ontstaat alsnog een normale eigendomssituatie.
Een wettelijke eis is daarbij wel dat er een behoorlijke inrichting en ontwikkeling van het terrein moet komen. Als de gebruikers dat zelf niet kunnen bewerkstelligen, kan de rechter het terrein in eigendom toekennen aan het Land, dat het vervolgens na ontwikkeling in koop, erfpacht of huur uitgeeft aan de gebruikers.
Omdat de ruimtelijke ordening van algemeen belang is, zeker bij grote woonwijken als waar het in deze zaken om gaat, is in artikel 3:200c lid 3 BW bepaald dat de rechter omtrent de voorstellen tot ontwikkeling ‘het gevoelen’ inwint van het Land. In geval van toekenning van het terrein aan het Land, is het Land belast met de ontwikkeling van het terrein en de uitgifte van kavels aan de individuele gebruikers.
Tot dusver is door het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao in twaalf oude boedelzaken op grond van deze nieuwe wettelijke regeling beslist. Soms ging het, net als hier, om complete woonbuurten (Rancho, Vetter), soms om een (bijna) onbebouwd stuk mondi (Bicento, Soledad, New Orleans, Chango, Mijn Wensch) en soms om een enkel perceel of bouwvallig pand in de binnenstad (Seranostraat, Roodeweg, Quintastraat, Hoogstraat x Willemstraat, Versaillesweg).
Met name in de zaken met bebouwd terrein, heeft het Land (DROV, ROP) een belangrijke constructieve rol gespeeld om tot een ordentelijke indeling en afwikkeling te komen.
De laatste jaren is de inbreng van het Land achtergebleven, waardoor de behandeling van veel oude boedelzaken is komen stil te liggen: (…)
Bij deze zaken zijn vele honderden belanghebbenden betrokken. Mede met het oog op hun belang bij een voortvarende en doelmatige afdoening, verzoekt het gerecht het Land de volgende vragen te beantwoorden.
a) Wat is de stand van zaken van de ontwikkeling en uitgifte van Rancho?
b) Wat is de beoogde termijn voor afronding van de ontwikkeling en uitgifte van Rancho?
c) Wat is de reden dat er geen (ontwerpen voor) indelingsplannen meer worden gemaakt?
d) Bestaat er concreet zicht op dat het Land in de zaken Vrij St. Michiel, Jan Abel, Vader Sijntje, Tucacas, Gato, Wanota en Speranza Ariba alsnog tot het vervaardigen van (ontwerpen voor) indelingsplannen overgaat, en zo ja, binnen welke termijn?
e) Hoe ziet het Land zijn rol en taak bij de oplossing van problematische ‘tera di famia’ in het algemeen en bij de toepassing van de wettelijke regeling van artikel 3:200a Burgerlijk Wetboek in het bijzonder?
Aan de hand van de beantwoording van de vragen zal over het verdere procesverloop en de inhoudelijke afdoening worden beslist.
Beschikking 15 februari 2022 (gezamenlijke beschikking oude-boedelzaken):
Zoals in de tussenbeschikking van 3 mei 2021 is overwogen, heeft het Land (DROV, ROP) tot voor een paar jaar geleden een belangrijke constructieve rol gespeeld om tot een ordentelijke indeling en afwikkeling van de langdurig onverdeeld gebleven boedels te komen.
Bij diezelfde beschikking heeft het gerecht, mede met het oog op de belangen van de vele honderden of zelfs duizenden betrokkenen bij deze zaken, een aantal vragen aan het Land gesteld. Aangekondigd is daarbij dat aan de hand van de beantwoording van die vragen over het verdere procesverloop en de inhoudelijke afdoening zal worden beslist.
(…)
De beantwoording van de vragen houdt samengevat in dat alles stilligt, dat de wil niet ontbreekt, maar dat het Land te kampen heeft met geld- en capaciteitsgebrek.
Beschikking 15 september 2022:
Op 11 mei 2020 is een tussenbeschikking gegeven met een overzicht van de belanghebbenden en met het verzoek aan het Land een indelingsplan op te stellen. Door het Land is geen indelingsplan gemaakt. Bij beschikking van 15 februari 2022 zijn vragen aan het Land gesteld over hoe het Land zijn rol en taak ziet bij het oplossen van problematische langdurig onverdeeld gebleven boedels zoals Wanota. Bij beschikking van 19 mei 2022 is geconstateerd dat het Land stelt te kampen met geld- en capaciteitsgebrek en dat moet worden onderzocht hoe deze boedels zonder bijdrage van het Land op een goede manier kunnen worden afgewikkeld. Ter zitting van 20 juni 2022 zijn door medewerkers van het Kadaster inlichtingen verstrekt over in het bijzonder de gang van zaken bij het laten opmaken van individuele meetbrieven.
(…)
Toekenning, ontwikkeling en uitgifte
In de beschikking van 11 mei 2020 is overwogen dat Wanota met het oog op verdere verbetering van de woonbuurt aan het Land in eigendom zal worden toegekend, ter ontwikkeling en uitgifte van de grond aan de gebruikers. Het Land is om die reden verzocht een indelingsplan op te stellen, zoals het land dat ook heeft gedaan in vergelijkbare procedures over langdurig onverdeeld gebleven boedels als Rancho en Vetter. Vastgesteld moet echter worden dat het Land geen indelingsplan heeft gemaakt en dat vooralsnog niets er op wijst dat het Land in staat is daarvan alsnog werk te maken. Dat belooft weinig goeds voor het proces van (ontwikkeling en) uitgifte dat zou moeten volgen na toekenning van de grond aan het Land. Zoals in de beschikking 2022 overwogen en ter zitting van 20 juni 2022 besproken, zal worden bezien in hoeverre een alternatief mogelijk is zonder bijdrage van het Land.
Alternatief voor toekenning aan het Land; individuele meetbrieven
Aan verzoekers en de belanghebbenden die voldoen aan de wettelijke eisen om te kunnen worden aangemerkt als ‘gebruiker’ als bedoeld in artikel 3:200b BW, zal bij deze beschikking de gelegenheid worden geboden een individuele meetbrief te laten opmaken van het perceel dat zij in eigendom toegekend wensen te krijgen.
Zij zullen een kopie van de meetbrief bij akte in het geding kunnen brengen en daarbij de relevante aanvullingen kunnen voorstellen voor de laatste kolom van het hieronder onder 2.4 opgenomen schema.
De kosten voor het laten opmaken van een meetbrief zijn afhankelijk van de grootte en ligging van het perceel. De berekeningswijze is te vinden in het ‘Kadasterbesluit 2000’, te raadplegen op de website van het Kadaster (www.kadaster.cw).
Beschikking 18 januari 2024:
Het Kadaster heeft bij brief van 27 januari 2023 een concept-kavelindelingsplan ingediend. Het Kadaster schrijft onder meer:
“Het Kadaster meet percelen op aanwijs van belanghebbenden maar door het ontbreken van een plan waarin ondermeer de ontsluiting wordt geregeld heeft het Kadaster het initiatief genomen voor het opmaken van een concept kavelindelingsplan volgens informatie verkregen van de bewoners […] en […], die bekend zijn met de meeste bewoners van Juanota.
De volgende activiteiten zijn door het Kadaster uitgevoerd:
- Een orthobeeld is vervaardigd van het betrokken gebied.
- In overleg met bepaalde belanghebbenden zijn een aantal kavels gevormd.
- In het terrein is ontsluiting van de gevormde kavels gecontroleerd en waar nodig bijgewerkt in het kavelindelingsplan.
- Een opname in het terrein is gedaan van de resterende opstallen die geen onderdeel uitmaken van een kavel.
Opmerkingen ten aanzien van het kavelindelingsplan:
- De reeds opgemaakte meetbrieven genummerd 1241/1995 en 989/2007 passen niet in het plan en dienen vervallen te worden verklaard aangezien deze perceelgrenzen niet overeenkomen met het gebruik in het terrein. Deze meetbrieven worden op de kaart met een rode stippellijn aangegeven.
- De kavels genummerd 5, 6, 7, 41 en 49 zijn grote stukken die in het terrein zijn aangewezen als een kavel behorende tot een familie. Het Kadaster heeft verder geen onderverdeling gemaakt voor deze kavels.
- De overige opstallen die niet in een kavel zijn opgenomen worden aangegeven op de kaart met een letter en in de daarbij behorende lijst wordt de status van het gebruik weergegeven. Buitengrens van de plantage "Juanota" dient op kosten van de belanghebbenden te worden uitgezet en in een proces-verbaal van grensregeling te worden vastgelegd door het Kadaster.
Bijgaand doet het Kadaster het Gerecht een kaart en een tweetal lijsten (bijlage 1 en 2) toekomen:
- Bijlage 1: De eerste lijst geeft aan gebruikers en kavelnummers met de bijbehorende oppervlaktes. Deze lijst is opgemaakt met informatie verkregen van de bewoners […] en […].
- Bijlage 2: De tweede lijst geeft aan de gronden die niet zijn opgenomen in het kavelindelingsplan. Op de lijst zijn de naam, id nummer, telefoonnummer en het gebruik van het terrein weergegeven.
Het Kadaster verzoekt het Gerecht het daarheen te willen leiden dat het kavelindelingsplan wordt vastgesteld. Na vaststelling van het definitieve plan kan dit, als aanwijs, aan het Kadaster worden aangeboden. Op verzoek van belanghebbenden kunnen de kavels dan worden uitgezet en opgemeten conform de vigerende tarieven.
Het Kadaster verzoekt tevens uw bemiddeling voor het in rekening brengen van de kosten gemaakt door het Kadaster ten bedrage van Naf 7.325,- (zie urenspecificatie in bijlage 3) voor de uitgevoerde werkzaamheden ten behoeve van het opstellen van het kavelindelingsplan.”
Bij akte van 11 juli 2023 heeft mr. Davelaar-Franklin een bewijs overgelegd van betaling van het door het Kadaster genoemde bedrag van NAf 7.325.
(…)
Het kavelindelingsplan van het Kadaster en individuele meetbrieven
Op basis van het door het Kadaster opgestelde kavelindelingsplan zal kunnen worden overgegaan tot het laten opmaken van individuele meetbrieven. Belanghebbenden zullen in de gelegenheid worden gesteld de meetbrief van de kavel waarop zij aanspraak maken in het geding te brengen.
Het ingediende kavelindelingsplan wordt ten behoeve van het vervolg van deze procedure vastgesteld. Dit met dien verstande:
- dat het het Kadaster vrijstaat om, waar dat het Kadaster nuttig voorkomt, extra kavels in het plan op te nemen, bijvoorbeeld ten oosten van kavel 41;
- dat het Kadaster wat betreft Kavel 5 wordt verzocht acht te slaan op onderstaande opmerkingen Van […] en […] in hun brief van 8 april 2023 en om deze opmerkingen, voor zover door het Kadaster gegrond bevonden, te verwerken in het kavelindelingsplan: (…)
Beschikking 22 april 2025:
Het kavelindelingsplan van het Kadaster
Bij de tussenbeschikking van 18 januari 2024 heeft het gerecht het Kadaster verzocht om op basis van het door het Kadaster bij brief van 27 januari 2023 overgelegde kavelindelingsplan (eventueel aangepast als bedoeld onder 2.2. van die beschikking wat betreft kavel 5) op verzoek van belanghebbenden kavels uit te zetten en meetbrieven uit te geven.
Bij door belanghebbende 59 overgelegde brief van het Kadaster van 9 december 2024 is een planwijziging voorgesteld wat betreft kavel 5 (en 6 en 7). Volgens het bijgevoegde ‘voorstel planwijziging’ ligt kavel 5 aan een zandweg en grenst kavel 5 aan de oostzijde aan meetbrieven 228/2024 en 115/2024. Dat voorstel wordt, voor zover gelet op de tussenbeschikking van 18 januari 2024 nog nodig, hierbij goedgekeurd.
Ten aanzien van een aantal in het indelingsplan opgenomen kavels zijn individuele meetbrieven opgemaakt en overgelegd. Er is voorts een meetbrief opgemaakt en overgelegd met betrekking tot opstal/kavel K (naast kavel 49).
Het gerecht zal het Kadaster verzoeken het gerecht een aangepast indelingsplan te doen toekomen, waarin hetgeen (…) is opgemerkt is verwerkt. Eventuele verdere door het Kadaster in het plan opgenomen kavels en alle door het Kadaster opgemaakte meetbrieven (voor zover niet vervallen) dienen ook te worden verwerkt.
De individuele meetbrieven
Belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld de meetbrief van de kavel waarop zij aanspraak maken in het geding te brengen. Een aantal van hen heeft dat gedaan. Bij deze beschikking zal aan de anderen nog een laatste gelegenheid worden geboden een meetbrief over te leggen van de gewenste kavel. Zonder meetbrief zal geen toekenning aan een specifieke gebruiker kunnen plaatsvinden.
Geen nieuwe onverdeeldheden
Naast een meetbrief stelt het gerecht als eis voor toekenning aan gebruikers dat geen nieuwe onverdeeldheden in het leven worden geroepen. Kavels zullen dus in beginsel slechts aan één persoon toegekend kunnen worden, niet aan een groep van familieleden of andere personen en ook niet aan de gezamenlijke erven van een overledene. Verzoekers en belanghebbenden zullen dus duidelijk moeten maken aan welke persoon een kavel volgens hen moet worden toegekend. Zij kunnen onderling uiteraard afspraken maken.
Gebruikers
De lijst van personen die als gebruiker wensen te worden aangemerkt is aangepast op basis van de na de laatste tussenbeschikking van partijen ontvangen gegevens. Eenieder wordt uitgenodigd de lijst aan te vullen, mede met inachtneming van overwegingen
(…)
De kavels in het verkavelingsplan
Voor eenvoudige raadpleging worden hierna ingevoegd de bijlagen van het Kadaster bij zijn brief met conceptkavelindelingsplan van 27 januari 2023.
[…]
Kadaster: “Bijlage 1: De eerste lijst geeft aan gebruikers en kavelnummers met de bijbehorende oppervlaktes. Deze lijst is opgemaakt met informatie verkregen van de bewoners […] en […].”
[…]
Kadaster: “Bijlage 2: De tweede lijst geeft aan de gronden die niet zijn opgenomen in het kavelindelingsplan. Op de lijst zijn de naam, id nummer, telefoonnummer en het gebruik van het terrein weergegeven.”
[…]

4.Het schema van gebruikers

Door de jaren heen zijn verzoekers en belanghebbenden in de gelegenheid gesteld hun gegevens en aanspraken als opgenomen in het schema in de tussenbeschikkingen aan te vullen en aan te passen. Dit heeft geresulteerd in onderstaand schema:
NAAM + ID + WOONADRES
BASEERT AANSPRAAK ALS GEBRUIKER OP:
PERCEEL DAT BETROKKENE TOEGEKEND WENST TE KRIJGEN
(KAVELNUMMER INDELINGSPLAN KADASTER + MEETBRIEFNUMMER)
verzoekers:
[1. t/m 19.]
indieners ‘formulario pa usuarionan’ en andere verschenen belanghebbenden:
[20. t/m 92.]

5.Het aangepaste kavelindelingsplan

Het Kadaster heeft naar aanleiding van de laatste tussenbeschikking en de opgemaakte meetbrieven het kavelindelingsplan aangepast. Op basis van dit plan zal verder worden beslist:

6.De verdere beoordeling

Aanwijzing gebruikers
6.1.
In de Rancho-zaak zijn door het Gemeenschappelijk Hof algemene uitgangspunten geformuleerd voor de aanwijzing van gebruikers in oude-boedelzaken (ECLI:NL:OGHACMB:2018:46). Die uitgangspunten gelden ook in deze zaak.
6.2.
In beginsel kan men slechts voor één kavel als gebruiker worden aangewezen. Dit staat in de weg aan de door een aantal verzoekers gedurende de procedure gemaakte aanspraak op een extra kavel (in het schema tussen haakjes geplaatst).
6.3.
De in de beslissing onder 7.1 genoemde verzoekers en belanghebbenden zullen, gelet op de door hen gegeven onderbouwing als hiervoor opgenomen in het schema en gelet op de algemene uitgangspunten in de Rancho-zaak, worden aangewezen als gebruiker in de zin van art. 3:200b leden 1 en 3 BW.
6.4.
Ten aanzien van de overige verzoekers en belanghebbenden geldt dat hun (deels tegenstrijdige) aanspraken en de onderbouwing daarvan vooralsnog onvoldoende zijn om hen aan te merken als gebruikers. Ten aanzien van verzoeker 5 geldt daarbij dat hij kennelijk huurder is en dat uitgangspunt van art. 3:200b lid 2 BW is dat een verhuurder als gebruiker voorgaat voor een huurder. Ten aanzien van belanghebbende 92 geldt dat zij zich pas na de laatste tussenbeschikking heeft gemeld en dat, mede gelet op de duur van dit geding en op de eisen van een goede procesorde, met haar (met belanghebbenden 82, 83 en 84 strijdige) aanspraak geen rekening kan worden gehouden.
Toekenning in eigendom aan gebruikers met meetbrieven
6.5.
Zoals in de tussenbeschikkingen overwogen, kan toekenning in eigendom aan individuele gebruikers uitsluitend plaatsvinden als er een individuele meetbrief is opgemaakt en overgelegd van de kavel waarop aanspraak wordt gemaakt. Bij de tussenbeschikking van 22 april 2025 is aan degenen die dat nog niet hadden gedaan een laatste gelegenheid geboden een meetbrief over te leggen van de gewenste kavel. Daarbij is herhaald dat zonder meetbrief geen toekenning aan een specifieke gebruiker kan plaatsvinden.
6.6.
Gelet op de overgelegde meetbrieven, zal aan de gebruikers genoemd in de beslissing onder 7.2 hun kavel in eigendom worden toegekend als daar omschreven. Het gerecht komt ten aanzien van deze gebruikers terug van de overweging in de beschikking van 11 mei 2020 dat (geheel) Wanota aan het Land in eigendom zal worden toegekend. Zoals ook volgt uit de nadien gegeven tussenbeschikkingen, bestaat er onvoldoende zicht op dat, bij toekenning van geheel Wanota aan het Land, deze gebruikers binnen afzienbare tijd hun kavel uitgegeven zouden krijgen. Daarbij weegt ook mee dat veel verzoekers en belanghebbenden op leeftijd zijn, en dat aantal van hen deze eindbeschikking niet meer heeft mogen meemaken.
Toekenning aan het Land Curaçao
6.7.
Het deel van Wanota waarop de individuele meetbrieven bedoeld onder 6.6 en 7.2 niet zien zal op de voet van art. 3:200d BW aan het Land in eigendom worden toegewezen.
6.8.
Het Land zal, zoals bepaald in art. 3:200e lid 2 BW en uiteengezet in Rancho, de zaak vervolgens moeten uitgeven in eigendom, erfpacht of huur aan de aangewezen gebruikers en aan eventuele gebruikers die zich nog bij het Land melden.
Belangen van niet-verschenen deelgenoten
6.9.
Ingevolge art. 3:200b lid 4 BW kan de rechter bepalen dat in de procedure niet-verschenen deelgenoten gedurende een bepaalde termijn aanspraak kunnen maken op een geldsom en wie daarvoor zekerheid stelt. Hiervoor bestaat in deze zaak geen aanleiding, te minder omdat een deel van Wanota beschikbaar blijft voor eventuele nagekomen gebruikers.

7.Beslissing

Het Gerecht:
7.1.
wijst verzoekers en belanghebbenden opgenomen in het onder 4. van deze beschikking opgenomen schema 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 26, 27, 28, 30, 31, 32, 33, 34, 35, 36, 37, 38, 39, 40, 41, 42, 43, 44, 45, 46, 47, 48, 49, 50, 51, 52, 53, 54, 55, 56, 57, 58, 59, 60, 61, 62, 63, 64, 65, 66, 67, 78, 79, 80, 81, 82, 83, 84 en 91 aan als gebruikers van Wanota;
7.2.
kent aan verzoekers en belanghebbenden opgenomen in het onder 4. van deze beschikking opgenomen schema 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 26, 27, 28, 31, 33, 36, 37, 44, 45, 46, 47, 48, 50, 51, 52, 59, 64, 66, 79, 80, 81, 82, 83, 84 en 91 in eigendom toe de percelen zoals opgemeten bij de meetbrieven vermeld bij hun namen in dat schema en in het onder 5. opgenomen kavelindelingsplan;
7.3.
kent Wanota voor het overige, dus (rest) rooibrief 7 van 1830 verminderd met de hiervoor onder 7.2 bedoelde percelen waarvan meetbrieven zijn opgemaakt, in eigendom toe aan het Land Curaçao, conform de nog op maken restmeetbrief, ter uitgifte aan de gebruikers als bedoeld in art. 3:200e lid 2 BW;
7.4.
bepaalt dat deze beschikking door toedoen van de griffier binnen twee weken na deze uitspraak openbaar bekend wordt gemaakt door aankondiging in de Landscourant, de Extra en de Amigoe:
Bekendmaking
oude boedel
De Griffier van het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao maakt bekend dat op een verzoek ex artikel 3:200a van het Burgerlijk Wetboek op 11 mei 2026 een beschikking is uitgesproken over de langdurig onverdeeld gebleven onroerende zaak bekend als
Wanota, gelegen ten zuidwesten van Dein en ten noorden van Buena Vista, onder meer begrensd door de Cubaweg, de Grenadaweg en de Winston Churchillweg, groot ca. 85.000 m2, omschreven in (rest) rooibrief 7 van 1830, ten name van Anthony Nicolaas, geboortedatum onbekend, wellicht 13 juni 1768, sterfdatum onbekend, wellicht 12 januari 1844.
Bij deze beschikking zijn bij meetbrieven opgemeten percelen in eigendom toegewezen aan de bewoners/gebruikers en is het restant van de onroerende zaak in eigendom toegewezen aan het Land Curaçao.
De volledige uitspraak is te vinden op
https://uitspraken.rechtspraak.nl/met als zoekterm CUR201802292.
7.5.
gelast de griffier nadat deze beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, een afschrift van deze beschikking te zenden aan de bewaarder der openbare registers ter inschrijving;
7.6.
wijst af het meer of anders verzochte.
Aldus gegeven te Curaçao op 11 mei 2026 door mr. P.E. de Kort, rechter in het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao.