ECLI:NL:OGEAC:2025:239

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Datum uitspraak
27 augustus 2025
Publicatiedatum
20 november 2025
Zaaknummer
CUR202502802
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:2 lid 1 BWCURArt. 705 lid 2 RvArt. 730 RvArt. 60 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging koopovereenkomst onbebouwde kavel wegens ontbreken schriftelijkheidsvereiste

In deze zaak vordert Villapark Fontein N.V. de opheffing van een conservatoir beslag dat door gedaagde is gelegd op een onbebouwde kavel in het vakantiewoonoord Villapark Fontein. De kern van het geschil betreft de vraag of tussen partijen een geldige koopovereenkomst tot stand is gekomen.

Uit de e-mailcorrespondentie blijkt dat partijen overeenstemming hadden bereikt over het object en de prijs, maar dat er geen schriftelijke, door beide partijen ondertekende koopovereenkomst was opgesteld. Eiseres stelt dat de verkoopovereenkomst vernietigbaar is wegens het ontbreken van het schriftelijkheidsvereiste zoals voorgeschreven in artikel 7:2 lid 1 Burgerlijk Pro Wetboek Curaçao.

Het gerecht oordeelt dat de vernietiging van de koopovereenkomst door eiseres terecht is, omdat het schriftelijkheidsvereiste niet is nageleefd. Hierdoor heeft gedaagde geen afdwingbare aanspraak op levering van de kavel. Het conservatoir beslag wordt daarom opgeheven en gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.

De rechter wijst het beroep van gedaagde af dat eiseres geen beroep meer kon doen op vernietiging vanwege eerdere correspondentie en excuses. Ook is niet gebleken van bijzondere omstandigheden die het beroep op vernietiging onaanvaardbaar maken. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De koopovereenkomst wordt vernietigd wegens het ontbreken van het schriftelijkheidsvereiste en het conservatoir beslag op de kavel wordt opgeheven.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Zaaknummer: CUR202502802
Vonnis in kort geding van 27 augustus 2025
in de zaak van
VILLAPARK FONTEIN N.V.,gevestigd in Curaçao,
eiseres,
gemachtigden: mrs. K.A. Doekhi en L.M. van Veldhoven,
tegen
[GEDAAGDE],
wonend in Nederland,
gedaagde,
gemachtigde: mr. W.J.H. Dingemanse.

1.Het procesverloop

1.1.
Het procesverloop blijkt uit:
  • het verzoekschrift van 30 juli 2025,
  • de mondelinge behandeling van 20 augustus 2025,
  • de pleitnotities van de gemachtigden.
1.2.
Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De feiten

In dit vonnis wordt uitgegaan van de volgende vaststaande feiten.
In april en mei 2025 is tussen partijen via e-mail gecommuniceerd over de verkoop door eiseres aan gedaagde van een lege kavel in het door eiseres geëxploiteerde (vakantie)woonoord Villapark Fontein. Het betrof in het bijzonder kavel [...], groot 543 m2, prijs Cg 174.000. Op 2 april 2025 heeft eiseres gedaagde laten weten dat zij gedaagde op de hoogte zou houden van de beschikbaarheid van kavel [...]. Op 12 april 2025 volgde bericht dat kavel [...] beschikbaar was. Op 6 mei 2025 informeerde gedaagde bij eiseres of (onder meer) kavel [...] nog steeds beschikbaar was. Op 7 mei 2025 reageerde [de sales officer] namens eiseres bevestigend, met de toevoeging: ‘
Ik ben wel in gesprek met andere geïnteresseerden, dus wie het eerst komt, het eerst maalt :)’. Diezelfde dag antwoordde gedaagde: ‘
We zijn eruit we willen voor kavel [...] gaan.’ Op 13 mei 2025 reageert [de sales officer] namens eiseres met ‘
Helemaal goed!’ en ‘
Zodra ik jullie antwoorden heb i.v.m. de koopsom[een voorstel tot verrekening van een reeds van gedaagde ontvangen bedrag van Cg 5.250, gerecht]
en het paspoort van […][de partner van gedaagde, gerecht]
, zal ik de koop-verkoopovereenkomst opstellen en sturen via SignRequest.’ Op 19 mei 2025 bevestigde gedaagde dat hij instemde met de door eiseres voorgestelde verrekening met de koopsom.
Op 20 mei 2025 ontving gedaagde bericht van eiseres dat eiseres kavel [...] tot het einde van de afgelopen week voor gedaagde had vastgehouden, maar dat, omdat een reactie van gedaagde uitbleef, kavel [...] inmiddels aan de andere geïnteresseerden was verkocht.
Na telefoongesprekken heeft [de sales officer] bij e-mail van 22 mei 2025 haar excuses aan gedaagde en diens partner aangeboden. Zij schrijft onder meer: ‘
Ik dacht dat een overeenkomst slechts gesloten was na handtekeningen van beide partijen en ik was ook overtuigd dat ik jullie daardoor had doorgegeven dat ik de koopovereenkomst z.s.m. moest opstellen i.v.m. andere geïnteresseerden’. In diezelfde e-mail biedt zij namens eiseres vervangende kavels aan, met korting, of een schadevergoeding van 10% van de koopprijs van kavel [...], dus Cg 17.400.
Gedaagde heeft de door eiseres aangedragen alternatieven van de hand gewezen. Hij heeft het standpunt ingenomen dat met hem eerder overeenstemming over aankoop was bereikt dan met de andere gegadigden.
Na verkregen verlof is op verzoek van gedaagde op 11 juli 2025 ten laste van eiseres conservatoir beslag gelegd op kavel [...]. Door gedaagde is tijdig een eis in de hoofdzaak aanhangig gemaakt waarin hij, samengevat, medewerking aan een koop- en leveringsakte vordert. Gedaagde heeft geen gevolg gegeven aan de sommatie door eiseres tot opheffing van het beslag.

3.De vordering

De vordering van eiseres strekt ertoe dat het gerecht het beslag op kavel [...] opheft.

4.De beoordeling

Wettelijk kader
4.1.
Eiseres vordert de opheffing van een conservatoir beslag. Spoedeisendheid van de vordering is voor een opheffingskortgeding als hier aan de orde niet vereist. Ingevolge artikel 705 lid 2 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kunnen beslagen in kort geding onder meer worden opgeheven bij verzuim van op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen of indien summierlijk blijkt van de ondeugdelijkheid van het door de beslaglegger ingeroepen recht.
Vormen
4.2.
Blijkens het beslagrekest en de eis in de hoofdzaak heeft gedaagde beoogd een conservatoir beslag tot levering te leggen (art. 730 Rv Pro). Volgens het proces-verbaal van beslaglegging is evenwel een beslag tot verhaal van een geldvordering gelegd. Gelet op de hierna volgende beoordeling kunnen de eventuele consequenties daarvan evenwel in het midden blijven.
De (on)deugdelijkheid van de vordering waarvoor beslag is gelegd
4.3.
De vraag is of in dit kort geding summierlijk is gebleken dat de vordering waarvoor het beslag is gelegd ondeugdelijk is. Anders gezegd: De vraag is of in dit kort geding kan worden vastgesteld dat de aanspraak van gedaagde op levering van kavel [...] in de bodemprocedure geen redelijke kans van slagen heeft.
4.4.
Volgens gedaagde is tussen partijen een koopovereenkomst gesloten, die in het bijzonder ligt besloten in de hiervoor onder 2 a) vermelde e-mails.
4.5.
Eiseres stelt in het bijzonder belang te hebben bij onmiddellijke opheffing van het beslag omdat zij kavel [...] moet leveren aan de derden die kavel [...] gekocht hebben. Die derden houden eiseres aan de met hen aangegane (schriftelijke) overeenkomst en zijn niet bereid gebleken genoegen te nemen met een andere kavel.
4.6.
Eiseres betwist dat overeenstemming over de koop is bereikt tussen partijen. In de eerste plaats stelt zij dat [de sales officer] niet bevoegd was namens eiseres overeenkomsten aan te gaan. Subsidiair stelt eiseres dat partijen het nog niet over alle essentialia eens waren. Ook wijst zij erop dat een door partijen getekende akte ontbreekt, waardoor niet is voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:2 lid 1 Burgerlijk Pro Wetboek (BW). Ter zitting heeft eiseres de overeenkomst, voor zover daarvan sprake zou zijn, op die grond vernietigd.
4.7.
Art. 7:2 lid 1 BW Pro luidt (afwijkend van art. 7:2 lid 1 BWBES Pro en BWNL):
De koop van een onroerende zaak wordt schriftelijk aangegaan. Zolang aan dit vereiste niet is voldaan en nog geen levering heeft plaatsgevonden, is de koop vernietigbaar zowel in het belang van de koper als van de verkoper. (…)
4.8.
Uit de e-mails blijkt dat er geen onduidelijkheid bestond over het te kopen object en over de koopprijs. Voorts blijkt daaruit dat eiseres tot verkoop wilde komen en gedaagde tot aankoop. De door eiseres in dit kort geding opgeworpen kwesties van het paspoort en de verrekening waren van ondergeschikt belang, en gesteld noch gebleken is dat er andere zaken waren die in de weg zouden kunnen staan aan volledige overeenstemming. Feit is echter dat er geen schriftelijk stuk was - geen door partijen getekende akte - als bedoeld in artikel 7:2 BW Pro. Daarmee stond de koop, ook als sprake was van volledige overeenstemming, bloot aan vernietiging door één van partijen.
4.9.
Eiseres heeft, voor zover nodig, de door gedaagde gestelde koop op de zitting vernietigd omdat niet was voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste. Die vernietiging treft doel, en daarmee is de grondslag van de aanspraak van gedaagde op levering van kavel [...] komen te vervallen.
4.10.
Gedaagde kan niet worden gevolgd in zijn stelling dat eiseres gelet op het tijdsverloop en haar eerdere correspondentie - waaronder de e-mail met excuses en voorstellen om gedaagde te compenseren – geen beroep meer toekomt op de vernietigingsgrond. Het tijdsverloop is minimaal. De omstandigheid dat eiseres excuses heeft aangeboden en ter compensatie alternatieven heeft aangeboden, past bij de wat ongelukkige gang van zaken, maar houdt geen afstand in van het recht te volharden in de verkoop aan de derde partij en van het recht de koop met gedaagde te vernietigen. Dat eiseres de (gestelde) koop pas op de zitting met zoveel woorden heeft vernietigd, kan bovendien niet als een verrassing worden gezien. Uit haar verzoekschrift in dit kort geding en de daaraan voorafgegane correspondentie blijkt immers onder meer dat eiseres zich jegens gedaagde niet gebonden acht omdat een schriftelijk stuk ontbreekt.
4.11.
Onder zeer bijzondere omstandigheden zou een beroep op het ontbreken van een schriftelijke vastlegging van bereikte wilsovereenstemming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar kunnen zijn (zie HR 9 december 2011, ECLI:NL:HR:BU7412). Daarvan is hier echter niet gebleken.
Slotsom en kosten
4.12.
Op grond van het voorgaande moet worden aangenomen dat gedaagde geen rechtens afdwingbare aanspraak heeft op levering van kavel [...]. De vordering van eiseres tot opheffing van het beslag zal dan ook worden toegewezen. De stellingen van eiseres over de onbevoegdheid van [de sales officer] en het ontbreken van overeenstemming behoeven geen nadere bespreking.
4.13.
Op de voet van art. 60 Rv Pro zal gedaagde als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten en nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente zoals gevorderd.

5.De beslissing in kort geding

Het gerecht:
5.1.
heft op het op 11 juli 2025 op verzoek van gedaagde gelegde conservatoir beslag op het perceel grond, gelegen in het derde district van Curaçao te Fontein, bekend als kavel [...], groot 543 m2, nader omschreven in meetbrief […];
5.2.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot aan deze uitspraak begroot op Cg 450 aan griffierecht, Cg 404,50 aan oproepingskosten en Cg 1.500 aan gemachtigdensalaris, te vermeerderen met Cg 250 aan nakosten zonder betekening, verhoogd met Cg 150 in geval van betekening;
5.3.
bepaalt dat de proceskosten moeten worden betaald binnen veertien dagen na de uitspraak van dit vonnis en dat die kosten worden verhoogd met de wettelijke rente als niet op tijd wordt betaald;
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.5.
wijst af wat verder is gevorderd.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, en in het openbaar uitgesproken.