Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
eiseres,
gemachtigden: mr. A.C. van Hoof en mr. E. van der Plank,
de besloten vennootschap DABBOUSSI MOTORS B.V.,
gedaagde,
gemachtigde: mr. A. Schennink.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Eiseres, een scheepsagent te Curaçao, vordert in kort geding opheffing van conservatoir derdenbeslag dat gedaagde op haar heeft gelegd bij Maduro & Curiel’s Bank (MCB). Gedaagde stelt een vordering te hebben wegens onverschuldigde betaling van Destination Terminal Handling Charges (DTHC) en subsidiair tekortschieten van eiseres als bemiddelaar.
De feiten tonen aan dat eiseres niet partij is bij de koopovereenkomst tussen gedaagde en Changan, noch bij de vervoersovereenkomst tussen Changan en vervoerder CMA-CGM. De prijsopgave van USD 4.300 per container, inclusief BAF en DTHC, werd door eiseres doorgegeven, maar de uiteindelijke vervoersopdracht bevatte geen afspraak dat DTHC in die prijs waren begrepen. Dit blijkt uit de bill of lading waarop staat dat THC bij bestemming door de handelaar betaald moet worden.
Eiseres heeft de facturen voor DTHC aan gedaagde gestuurd en betaling ontvangen, maar zonder de bevoegdheid om vrijgave van containers te verlenen zonder betaling. Gedaagde betaalde onder protest. Het gerecht oordeelt dat eiseres geen tekortkoming heeft begaan en dat de vordering van gedaagde ondeugdelijk is als bedoeld in artikel 705 Rv Pro. Het beslag wordt opgeheven en gedaagde veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het conservatoir derdenbeslag wordt opgeheven wegens ondeugdelijke vordering.