ECLI:NL:OGEAC:2022:81
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Mede-erfgenaam moet woning ontruimen en meewerken aan levering nalatenschap
De zaak betreft een kort geding tussen drie erfgenamen en een mede-erfgenaam die weigert mee te werken aan de verkoop en levering van een woning uit de nalatenschap van hun overleden vader. De woning maakt deel uit van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap van de ouders. Ondanks eerdere procedures en een verstekvonnis dat medewerking aan de verdeling beval, weigert de gedaagde de woning te verlaten en medewerking te verlenen.
De eisers vorderen dat de gedaagde binnen 24 uur na betekening de woning ontruimt en meewerkt aan de levering, met toestemming om zelf ontruiming te bewerkstelligen indien nodig. De gedaagde is niet verschenen en heeft geen verweer gevoerd. Het gerecht stelt vast dat de woning te koop staat en dat medewerking noodzakelijk is voor taxatie en verkoop.
Het gerecht wijst de vordering tot ontruiming toe met een termijn van vier weken na betekening en verleent toestemming voor gedwongen ontruiming met inzet van politie indien nodig. De vordering om zelf ontruiming te bewerkstelligen wordt afgewezen wegens gebrek aan belang. De vordering tot medewerking aan levering wordt eveneens toegewezen, waarbij het vonnis in de plaats treedt van de handtekening van de gedaagde indien deze weigert. Proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij eigen kosten draagt.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen vier weken en medewerking aan levering van de nalatenschap.