Uitspraak
1.Het procesverloop
2.De feiten
GELDLENINGOVEREENKOMST MET ZEKERHEIDSSTELLING!”.
3.Het geschil
allebuitengerechtelijke kosten aan de zijde van eiseres gevallen;”
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Partijen sloten op 5 juni 2020 een geldleningsovereenkomst waarbij de schuldenaar een bedrag van NAF 50.000 leende en als zekerheid een woning stelde. Eiseres vorderde ontruiming van de woning wegens wanbetaling en stelde eigenaar te zijn geworden van de woning. Gedaagde verweerde zich met het standpunt dat geen eigendomsoverdracht had plaatsgevonden en dat geen hypotheekrecht was gevestigd.
Het gerecht oordeelde dat eigendomsoverdracht van onroerend goed vereist is dat een notariële akte wordt opgemaakt en ingeschreven in openbare registers, wat niet was gebeurd. Ook was geen hypotheekrecht gevestigd conform wettelijke vereisten. Het beding dat eiseres zich de woning mocht toe-eigenen is nietig volgens artikel 3:235 BW Pro.
Daarom is eiseres geen eigenaar en heeft zij geen recht op ontruiming. De bewoning door gedaagde is niet onrechtmatig. De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten. De reconventionele vordering behoeft geen beoordeling.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen omdat eiseres geen eigendom of hypotheekrecht op de woning heeft verkregen.