Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
1.Het procesverloop
- het verzoekschrift met producties;
- de mondelinge behandeling op 21 september 2021.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Verzoekster was in dienst bij verweerster als bewaker met een arbeidsovereenkomst van 1 jaar, eindigend op 2 februari 2021. Op 21 november 2020 werd zij op staande voet ontslagen vanwege het niet verschijnen op het hoofdkantoor, het blokkeren van de ingang van het terrein van een opdrachtgever, het weigeren instructies op te volgen en het betrekken van een medewerker van de opdrachtgever en de politie in het conflict.
Verzoekster stelde dat de ontslagreden onjuist was, niet onverwijld was medegedeeld en dat er geen rekening was gehouden met haar persoonlijke omstandigheden. Zij voerde de nietigheid van het ontslag op en vorderde doorbetaling van loon.
Het gerecht oordeelde dat de ontslagreden onverwijld was medegedeeld en dat de dringende redenen voldoende waren onderbouwd door verweerster. De stellingen van verzoekster werden onvoldoende weersproken. Het gerecht wees de loonvordering af en compenseerde de proceskosten.
De beschikking werd op 21 oktober 2021 openbaar uitgesproken door rechter U.I.D. Luydens van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van verzoekster is rechtsgeldig verklaard en de loonvordering is afgewezen.