ECLI:NL:OGEAC:2021:153
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing beslag op woning en koper om verkoop mogelijk te maken met gedeeltelijke afdracht en escrow
In deze zaak vordert eiser opheffing van het conservatoir en executoriaal beslag dat door gedaagden is gelegd op een woning en onder de koper, teneinde de overdracht van de woning mogelijk te maken.
De woning is eigendom van eiser en is verkocht aan koper voor €1.300.000, inclusief roerende zaken. Gedaagde [... B.V.] heeft executoriaal beslag gelegd op de woning en onder koper voor een bedrag van circa €896.192,82, voortvloeiend uit een vonnis waarin eiser is veroordeeld tot betaling van een geldsom.
Het gerecht oordeelt dat de beslagen rechtmatig zijn, maar dat de overdracht niet onnodig mag worden belemmerd. Daarom wordt bepaald dat de beslaglegger het bedrag van €896.192,82 uit de koopsom ontvangt en het restant van €403.807,18 op een escrow-rekening wordt gestort als zekerheid voor de vordering.
De beslaglegger wordt veroordeeld mee te werken aan opheffing en doorhaling van de beslagen onder voorwaarde van betaling en storting. De overige vorderingen worden afgewezen. Proceskosten worden deels toegewezen aan eiser tegen gedaagde sub 1 en aan eiser tegen [... B.V.].
Uitkomst: Het beslag wordt opgeheven onder voorwaarde van gedeeltelijke betaling aan de beslaglegger en storting van het restant op een escrow-rekening, waardoor de verkoop van de woning mogelijk wordt gemaakt.